vrijdag 30 september 2011

Een volmaakte vendetta, R.J. Ellory

Een volmaakte vendetta’ is het tweede geweldige boek van R.J. Ellory. In New Orleans wordt een man gevonden in de kofferbak van een Oldsmobile, doodgeslagen.
De rechercheur die het onderzoekt komt erachter dat er allerlei bijzondere aspecten aan de zaak zitten. De dode man blijkt de lijfwacht te zijn van Catherine Ducane, de dochter van de gouverneur van Louisiana. Zij is ontvoerd. De FBI neemt de zaak over en de ontvoerder neemt contact op. Hij wil praten met Ray Hartmann, en alleen met hem.
Ray Hartmann is een speciaal onderzoeker over de georganiseerde misdaad in New York. Hij heeft teveel vreselijke dingen gezien, is aan de drank geraakt en zijn huwelijk is misgelopen. Ray wordt opgehaald door de FBI en gaat naar New Orleans. Dan komt de onvoerder, Ernesto Perez, om zich over te geven en zijn verhaal te doen aan Ray.
Ernesto is van Cubaanse afkomst. Hij is geboren in New Orleans, zijn vader is een boxer die zijn moeder mishandeld. Als zijn vader zijn moeder dood slaat, moeten ze vluchten en zij gaan samen naar Cuba. Ernesto weet hier te overleven door kleine criminaliteit en overvallen, vooral van mannen die een jongen oppikken en daarom niet naar de politie durven om een beroving aan te geven.
Als Ernesto een van zijn slachtoffers vermoord, blijkt hij een maffialid te hebben vermoord. De maffia had sterkte banden met Cuba, omdat daar op het gebied van gokken alles mogelijk was. De maffia komt achter hem aan, maar is onder de indruk van hoe hij zich staande houdt. Ernesto wordt ingelijfd bij de maffia en wordt de huurmoordenaar die naar moeilijke klussen gestuurd wordt.
Ernesto vertelt zijn verhaal en daarmee de geschiedenis van de maffia in Amerika, in New York, in Los Angeles, Miami, Chicago, New Orleans.
En naarmate het verhaal vordert, komen we erachter wat er gebeurd is en hoe de ontvoering in elkaar zat. En dat is nog heel anders dan ik ooit had gedacht. Bovendien willen de FBI en de agenten zo snel mogelijk weten waar Catherine is en of zij ongedeerd is, maar Ernesto wil het verhaal in zijn tempo en op zijn manier vertellen. Hij laat zich niet opjagen en dat geeft het verhaal een extra spanning.
Hoewel de zaak de eerste drie pagina’s wat langzaam op gang komt, is dat geen bezwaar vanwege de mooie schrijfstijl van R.J. Ellory. Want wat kan die man schrijven!
Ernesto is een hoofdpersoon die aan de ene kant heel moeilijk te begrijpen is omdat hij volkomen zonder gevoel mensen kan vermoorden, maar juist weer heel menselijk is in de liefde voor zijn vrouw en kinderen. Ray wordt ook heel goed neergezet en je begrijpt hoe hij in elkaar zit. Je hoopt maar één ding, dat hij weer op tijd in New York zal zijn om bij de picknick te zijn met zijn vrouw en dochter, om een tweede kans te krijgen.
Het verhaal van de maffia zelf is interessant en spannend, zeker als bekende namen als Jimmy Hoffa of Lucky Luciano langskomen, of en passant de moorden van John F. Kennedy en Marilyn Monroe worden opgelost.
Humor, vaart, spanning, oog voor details en kennis van de geschiedenis maken ‘Een volmaakte vendetta’ tot een geweldig boek.

donderdag 29 september 2011

De laatste stand van zaken over het oude weblog

Dit stukje zou geloof ik net zo goed ‘the never ending story’ kunnen heten. De migratie bij Web-log blijft maar doorgaan. We zijn bijna 6 weken verder en er is nog weinig nieuws te melden. Het grootste deel van de weblogs bij web-log ligt nog altijd plat, en wat er wel zichtbaar is, is niet toegankelijk én ziet er verschrikkelijk uit.
Mijn weblog is nog altijd onzichtbaar, alleen een blanco pagina komt tevoorschijn. Dit schijnt een bekend probleem te zijn en er wordt aan gewerkt. Zegt men.
Er is gisteren een nieuwe update geplaatst op de helpdeskpagina van Coentje en consorten. Daarin staat vrij weinig, alleen dat het een stuk langer duurt dan ze hadden gedacht. Ze zijn blijkbaar bezig met iets dat erg moeilijk en lastig is en vrij veel van de uitleg gaat over hoe groot het systeem is dat ze opbouwen en dat het ervoor zorgt dat je als gebruiker het zo gemakkelijk krijgt.
Maar ja, dan moet je er als gebruiker wel eens een keer bij kunnen. En dat zie ik voorlopig nog niet gebeuren.
Dat het veel langzamer gaat dan gewenst is denk ik wel duidelijk voor iedereen. Ik vraag me alleen af hoe ze eigenlijk gedacht hadden die hele migratie in één nacht te kunnen volbrengen.
Want dingen die fout gaan, en onverwachte problemen tegenkomen is heel iets anders dan bijna 6 weken onbereikbaar zijn. Het verschil tussen 24 uur en 6 weken is te groot. Dan heb je niet één ding over het hoofd gezien, maar een complete computerwalvis.
Enfin, voor mij maakt het niet zo heel veel uit. Ik was niet van plan hier weg te gaan, maar ik wil alleen graag op mijn oude weblog een link naar dit nieuwe blog kunnen plaatsen. Ik ben vooral blij dat ik de beslissing heb genomen om over te stappen en niet te wachten tot de boel weer bereikbaar is. En die google-ranking komt wel weer.

woensdag 28 september 2011

Masterchef, in alle varianten

Ik kijk al jaren de versie van Masterchef op de BBC, met Gregg Wallace en John Torode als de juryleden. Ik kijk alle varianten, de echte, de professionals, celebrity masterchef en zelfs junior masterchef. Heerlijk. Soms is Michel Roux jr. jurylid en dat vind ik zo’n leuke man, zo aardig en zo leuk Frans. (ik ben een beetje verkikkerd op Michel Roux jr.) Zo leuk in de serie was de manier waarop ze bezig waren, de verschillende uitdagingen die de kandidaten te verwerken kregen (koken voor de restaurant critici is nog altijd een van de leukste) en vooral het heerlijke commentaar van de jury, waarin de liefde voor het eten zo duidelijk tot uiting kwam.
Vorig jaar kwam toen de Australische versie op televisie. Anders van opzet, maar wel leuk. Ik kijk nu elke middag om half 7 het derde seizoen van Masterchef Australia, heb ook genoten van Junior Masterchef Australia.
Nederland besloot vorig jaar dat er een Nederlandse editie moest komen. En wat vond ik dat een verschrikkelijke ramp, wat een crisis. Weinig aandacht voor het eten, maar vooral voor het grove commentaar van de jury, die zo bot en horkerig deed dat ik op een gegeven moment bijna niet meer keek. Waar in Engeland of Australie er echt commentaar ging over het eten, de kwaliteit, de smaken, de textuur, de opmaak, klonk hier alleen ‘Dit is niets, wat een zooi.’  Over de winnares van vorig jaar zal ik maar helemaal weinig zeggen, wat een domme kip.
Maar goed, dit jaar is er een nieuwe editie van Masterchef Nederland. En tot nu toe is het nu wél leuk. Nog altijd te weinig echt commentaar over het eten zelf (‘ik proef geen passie’ is zo’n onzin opmerking dat ik die gewoon negeer) maar nu met een jury (dezelfde van vorig jaar, minus 1) die wel op een leuke manier kandidaten helpt, bij ze langs loopt en belangstelling toont. Misschien hebben ze gekeken naar de series uit andere landen en hebben ze daar lering uit getrokken. Als het zo door gaat kan het nog erg leuk worden op de woensdagavond, zo na Het Blok. Maar zouden ze me wel één plezier kunnen doen? Die opmerkingen over ‘het zuurtje’ of ‘het zoetje’ achterwege laten! Zeg gewoon dat er zuur of zoet bij moet, en doe niet zo gek.


maandag 26 september 2011

Bij het vallen van de avond, Michael Cunningham

Michael Cunningham is bekend geworden met zijn prachtige boek ‘The Hours’ dat verfilmd is met Nicole Kidman die een oscar kreeg voor haar rol als Virginia Woolf. Vorig jaar is Cunninghams boek ‘Bij het vallen van de avond’ uitgekomen.

Peter Harris is al jaren getrouwd met Rececca. Ze zijn succesvol en werken in New York in van die typische artistieke beroepen. Zij is editeur van een tijdschrift, hij heeft een kunstgalerie. Peter is niet helemaal meer tevreden met wat hij heeft; zijn huwelijk is al jaren zo vertrouwd dat het ook niet echt interessant meer is, zijn werk eigenlijk ook niet, en steeds is er de twijfel of hij het wel goed doet. Of hij niet een nieuwe kunstenaar moet aannemen in zijn kunsthandel, of wat hij moet doen om de verhouding met zijn dochter beter te krijgen. Peter weet niet wat hij wil, iets veranderen of niet, maar een vage ontevredenheid loopt door zijn leven heen terwijl hij verder gaat met wat hij altijd deed.
Dan komt Ethan logeren, Rebecca’s veel jongere broertje. Zijn bijnaam is Mizzy, van het misverstand (laten we zeggen dat zijn ouders niet meer op zijn geboorte hadden gerekend) Mizzy is de jongste zoon in een gezin met alleen maar succesvolle zussen, de verwachtingen voor hem waren hoog gespannen. Mizzy heeft deze verwachtingen nog niet waargemaakt. Onafgemaakte studies, een paar afgebroken projecten, wat vage pogingen zichzelf te vinden en een drugsverslaving.

Peter voelt zich aangetrokken tot Mizzy en wordt verliefd.
Uiteindelijk delen ze maar één kus en blijkt dat Mizzy’s bedoelingen toch wat anders waren dan die van Peter, die namelijk al visioenen had van hen beiden op een Grieks eiland, samenlevend in een passievolle liefde.
Gedesillusioneerd komt Peter weer bij Rebecca terecht en komt er dan achter dat zij ook niet tevreden is met hun leven op dat moment. En als Rebecca dan aangeeft te willen scheiden, is het Peter die vraagt om dat nog even uit te stellen, misschien kunnen ze er toch nog iets van maken.

Kenners van Thomas Mann zullen in dit verhaal overeenkomsten met ‘Dood in Venetie’ vinden. Ook hierin valt een oudere man als een blok voor een mooie jongeman.
Waarom Peter voor Mizzy valt, is niet helemaal duidelijk. Is het de schoonheid van de jongeman? Het idee dat dit de laatste kans is op iets groots en meeslepends? Een soort midlife crisis waarin een man in een sleur alles aan de kant wil gooien voor een dwaasheid? Een vlaag van verstandsverbijstering? Een weg uit een vervelend huwelijk en een stomme baan? Misschien ook wel van alles een beetje.

Ik vond Peter redelijk sympathiek, zijn gedachten en reacties worden goed beschreven en je begrijpt wel de verwarring waar hij in verkeert. Zijn vrouw Rebecca vond ik minder uit de verf komen, maar dat kan ook komen omdat zij niet heel erg veel voorkomt. Mizzy ergens ook wel te begrijpen als de jongen die zoveel moest waarmaken, maar die druk niet helemaal aankan. Zijn actie op het einde maakt hem niet zo heel sympathiek, maar aan de andere kant, waarom zou hij met Peter’s ideeën en gevoelens meegaan?
Ik kreeg wel het idee dat de kunsthandel, vooral met de moderne kunst vooral bestaat uit ongelofelijk geklets en onzin. Als ik daarin zou werken zou ik ook iets anders willen.

Kortom, een mooi boek dat goed weergeeft hoe een gewone man van middelbare leeftijd tot gevoelens kan komen die hij nooit had verwacht, en de verwarring die dat bij hem losmaakt.
Grappig trouwens dat in Vossenblond van Rascha Peper er een klein zijlijntje is van een man die verliefd wordt op de buurjongen en zijn huwelijk van jaren aan de kant zet. Ik las dat boek en herkende dat plot meteen. In het nawoord las ik dat Rascha Peper ‘Bij het vallen van de avond’ als inspiratie had gebruikt. Ik had er geen idee van, maar ik had de boeken toevallig wel samen gekocht.

zondag 25 september 2011

Thomas van Aquino (1225-1274)

Drie dingen zijn nodig voor de redding van de mens: te weten wat hij moet geloven, te weten wat hij moet verlangen en te weten wat hij moet doen.

De Tiber met de Sint Pieter op de achtergrond. Foto gemaakt door mij in Rome in 2009

vrijdag 23 september 2011

Vossenblond, Rascha Peper

Ik mag Rascha Peper graag lezen en was dan ook erg blij dat ik haar nieuwste boek ‘Vossenblond’ zag in de boekhandel.
Het is het verhaal van Walter Tervoort, die archeozoöloog is. Hij werkt aan een opgraving in de grote kerk in Alkmaar en woont zelf in Haarlem. Hij is gescheiden, maar één keer per maand komt Truus op bezoek. Eerst kwam zij via het escortbureau, maar al snel gingen Walter en zij zelf afspreken. Truus wil echter stoppen met het werk en Walter is een beetje pissig; hij moet nu op zoek naar een vervangster.

Via het escortbureau komt Vera bij hem. Niet zijn type, denkt hij in de eerste instantie, ze is te jong en niet ‘volks’ genoeg. Maar al snel wordt Walter gegrepen door Vera en spreekt hij steeds vaker met haar af. Hij wil haar helpen en wil eigenlijk haar redder worden, de enige die haar begrijpt en die voor haar zal zorgen. Vera heeft hier helemaal geen behoefte aan. 

Walter raakt geobsedeerd door Vera en wil steeds meer van haar weten. En als blijkt dat zij misschien dichter bij hem staat dan hij eigenlijk had verwacht, komt Vera gewoon nooit meer terug van het congres in Schotland waar ze naar toe is gegaan. Walter blijft achter met haar hond waar hij op zou passen, treurend om een geliefde die zijn geliefde niet was, en zeker de zijne niet was.
Ik vind het knap hoe Rascha Peper de gedachten van mensen weet te beschrijven, hoe ze zich al helemaal scenario’s voorstellen hoe iets zal verlopen. In haar vorige boeken, zoals ‘Russisch Blauw’ of ‘Wie scheep gaat’ doet ze dit ook geweldig en in dit boek is dat opnieuw het sterke punt.

Jammer alleen dat er zoveel losse draadjes in ‘Vossenblond’ zitten. Het telefoontje dat Walter krijgt dat niet voor hem bestemd is krijgt veel aandacht, maar daarna helemaal niet meer. De foto in de etalage van het reisbureau waarin hij zichzelf herkent levert een zijspoor op waarin Walter op zoek gaat naar de fotograaf, maar dat zijspoor loopt op niets uit als de fotograaf dood blijkt te zijn. Het hoe en waarom van de foto wordt niet meer uitgelegd.

Het meest vage vond ik de hond, die af en toe zijn visie mag geven tussen hoofdstukken
door. En nu snap ik best dat je van een hond niet echt scherpe of puntige observaties hoeft te verwachten (dan moet je toch echt een kat nemen), vind ik dit beest wel heel erg stom. En wat mij betreft voegt het niets toe, het is een wat kinderachtige manier om van buitenaf commentaar te geven op Walter en Vera.

Kortom, Vossenblond is een boek waarin het verhaal van Walter en Vera mooi is beschreven, maar de losse eindjes en die malle hond maken het niet bepaald tot haar beste boek.

donderdag 22 september 2011

Afscheid nemen en verder gaan

Afscheid nemen, dag zeggen, iets afsluiten. Soms van je dromen, je plannen, je verwachtingen en ideeën. Soms afscheid nemen van vrienden of relaties.
Niet altijd gemakkelijk, soms heel beroerd, een enkele keer zonder problemen. Dan is het al over voordat je er goed over na hebt gedacht.
Vaak duurt het langer. Dan kost het je dagen en nachten nadenken, beslissingen tegen elkaar afwegen en uiteindelijk moeilijke knopen doorhakken. Dan kom je erachter dat iets dat je graag had gewild niet mogelijk is. Of misschien is het iets dat je had gehoopt dat je het had gewild, maar uiteindelijk wil je het toch niet. Of je wil het wel, maar het is toch niet het juiste voor je. Of wat je wil, botst met iets dat nog belangrijker voor je is. Die beslissing om ergens mee te stoppen, iets af te breken is niet gemakkelijk, die neem je ook niet zo maar even.

Sommige vriendschappen passen bij een bepaalde periode en op een gegeven moment groei je uit elkaar. Of vind je elkaar niet zo heel aardig meer. Dat is ook mogelijk. Die verbreken en tot een einde brengen is nooit leuk. Het kan wel een opluchting zijn. Een teken dat je een bepaalde periode hebt afgesloten. Als het je dan lukt om het ook nog op een redelijk nette manier af te wikkelen, is het helemaal mooi, maar dat lukt niet altijd.

Af en toe gaat het om toekomstplannen. Dan moet je wikken en wegen en bijstellen. En soms opgeven. Overgaan op iets anders. Plan B in werking zetten, of Plan C. En dat kan heel vervelend zijn, of heel verdrietig en frustrerend. Want liever had je gewoon Plan A gehad. Maar als dat niet kan kun je blijven stilstaan en zeggen dat het allemaal niet eerlijk is (is het ook niet) of je kunt op een gegeven moment weer verder. Jezelf de spreekwoordelijke schop onder de kont geven. Genoeg gezeurd, doorgaan.

Er komen altijd weer nieuwe dingen op je pad. En gelukkig ook nieuwe mensen. Naast het afscheid nemen is er ook begroeten en leren kennen. Nieuwe mensen die je helpen, er voor je zijn, die vriendschap bieden.
Nieuwe kansen, nieuwe mogelijkheden. Zolang er leven is, is er hoop, zegt men, en daar heeft men wel gelijk in.

maandag 19 september 2011

Een stil geloof in engelen, R.J. Ellory

Een stil geloof in Engelen’ van R.J. Ellory is in 2009 door de Volkskrant uitgeroepen tot ‘thriller van het jaar’, en dat is volkomen verdiend. Ik heb het in één adem uitgelezen. Het is 1939 in Augusta Falls, Georgia. Een klein en slaperig dorpje waar iets verschrikkelijks gebeurd. Een klein meisje wordt dood gevonden. Zij is vermoord en zij is niet de enige. Het ene na het andere meisje wordt vermoord. Het plaatsje is in paniek, elke vreemde is een potentiele moordenaar.
Joseph Calvin Vaughn groeit op in dit dorpje. Hij is een intelligente jongen, die graag verhalen schrijft. Zijn vader is overleden, maar zijn moeder weet zich met Joseph erdoor heen te slaan.
 
Joseph heeft het idee dat hij iets moet doen aan de moorden die gepleegd worden. Samen met een paar andere kinderen richt hij ‘the guardians’ op, een groep die de stad zal beschermen. Natuurlijk kunnen zij niets uitrichten en het moorden gaat door. Joseph voelt zich erbij betrokken, ook omdat één van de meisjes door hem gevonden wordt.

De oorlog gaat door en laat zijn sporen achter in het dorpje. Zo wordt het Duitse gezin dat er woont door een tragedie gedwongen weg te gaan. Joseph’s moeder wordt door alle gebeurtenissen overspannen en zij komt in een inrichting terecht, waar zij niet meer uit zal komen. De dan zeventienjarige Joseph moet voor zichzelf zorgen. Dat lukt hem ook aardig, zeker met de hulp van Reilly, een vriend van de familie en van Alexandra Webber, de onderwijzeres. Het lijkt erop of het leven voor Joseph mooi kan worden in Augusta Falls, maar dan gaat alles mis. De moorden blijken te zijn doorgegaan in andere districten. De sheriff roept de hulp van Joseph in, en de moordenaar wordt eindelijk gevonden. Zo denkt men.

Joseph trekt naar New York om daar een nieuw leven op te bouwen, weg van Austusta Falls, weg van de verloren dromen van zijn leven.
En het gaat goed, hij publiceert een boek, vindt vriendschap en ontmoet een vrouw met wie hij zijn leven wil delen. Het lijkt erop dat het leven mooi kan worden voor Joseph, daar in Brooklyn.
Tot de gebeurtenissen uit het verleden opnieuw tot leven komen en het voor Joseph gruwelijk mis gaat.

Vanaf pagina één pakt ‘Een stil geloof in engelen’ je en laat je niet meer los. Bij de beschrijvingen van Joseph in Brooklyn dacht ik even: ‘Waar gaat het nu naar toe?’, maar daarna is de spanning meteen weer terug met de bloedstollende gebeurtenissen die volgen.
Joseph komt er uiteindelijk achter wie de werkelijke moordenaar is, maar niet zonder zelf een heel hoge prijs te betalen.

Een prachtig boek, dat ervoor zorgde dat ik de andere boeken van R.J. Ellory ook meteen wil lezen.

zaterdag 17 september 2011

De chocoladecake die een mixer heeft vermoord

Het is opnieuw regenachtig weer, en mijn voornemen was om een zo rustig mogelijk weekend te hebben. Een beetje in huis rommelen, wat lezen, dat soort dingen.

Ik ben namelijk gisteren en eergisteren in Egmond geweest voor een bijscholing. Vermoeiend, want je bent ongemerkt toch heel intensief bezig. Ook leuk, je leert je collega’s weer eens op een heel andere manier kennen en hoewel het echt zo’n conferentiehotel was (dus niet erg sfeervol) was de locatie wel heel mooi, ongeveer 1 minuut van het strand. Ik liep dus gisterochtend al voor het ontbijt al met een collega die toevallig hetzelfde idee had heerlijk langs de zee.

Maar zoals ik zei, ik was wel moe en ik wilde vandaag dus heel rustig aan doen. Boodschappen gedaan, wat huishoudelijk werk en toen had ik zin om een cake te bakken. In onze familie hebben wij van oudsher al een cake die de ‘Patiasina cake’ genoemd wordt. De reden? Heel simpel: het recept komt van buren die Patiasina van achternaam heetten.

Het is een heerlijke chocoladecake, en vrij gemakkelijk te maken. Boter, eieren, bloem, cacaopoeder en vanillesuiker, dat is alles. Het probleem zit eigenlijk vooral in het laatste gedeelte van het mixen. Op de een of andere manier is het beslag heel erg zwaar en komt de mixer er bijna niet doorheen.

De vorige keer dat ik de cake heb gemaakt, was die niet zo heel hoog geworden en ik had bedacht dat ik deze keer langer moest mixen. En hoewel ik merkte dat de mixer er moeite mee had, zag het beslag er wel fantastisch uit.

Opeens klonk er echter een verschrikkelijk geluid, alsof er kiezels in de mixer waren terecht gekomen, en de mixer hield ermee op. Kapot, stukgedraaid, oververhit, ik heb geen idee. Ik was vooral blij dat ten eerste het beslag al klaar was en ten tweede dat ik niet met allemaal doorgeslagen stoppen zat. En ja, ik was ook blij dat ikzelf geen shock had gekregen of iets dergelijks.

De cake is net uit de oven en is heerlijk geworden én een stuk hoger dan de vorige keer. Dat mixen heeft wel resultaat gehad.

Ik vraag me alleen af of kapotte mixers met het gewone vuilnis mee kunnen of dat ik er nog iets speciaals mee moet doen, klein chemisch afval, of is er een speciaal inleverpunt voor elektronica?
Dat ga ik uitzoeken,maar eerst neem ik een stukje cake.

Voor de mensen onder ons die een betere mixer in huis hebben dan ik en heerlijke chocoladecake willen maken volgt hier het recept.

Patiasinacake
300 gr. Boter
250 gr. Suiker
5 eieren
300 gr bloem
60 gro cacaopoeder
2 zakjes vanillesuiker.

Oven voorverwarmen op 200 graden Celcius.


Meng boter en suiker en mix dit goed.
Voeg dan één voor één de eieren toe.

Voeg bloem beetje bij beetje toe. Goed mixen.

Voeg de cacaopoeder en de vanillesuiker toe en mix het geheel goed door (10 minuten, tenzij de mixer het begeeft)

Beboter en bebloem een tulband vorm, schep het beslag in de vorm en zet 45-50 minuten in de oven.


Geniet ervan!

woensdag 14 september 2011

De volksuniversiteit

Als het zomer is en de zon schijnt dan wil je buiten zijn, op je balkon zitten en lekker niets doen. Je begint meestal niet met iets nieuws, en met je neus in de studieboeken zitten is ook niet erg aantrekkelijk. Maar als de herfst komt dan krijg je daar wel weer zin in, dan wil je iets nieuws leren, een cursus doen. Al moet ik zeggen dat met deze regenachtige en stormige zomer dat herfstgevoel er al een tijdje is.

Maar omdat ik dus een cursus wil gaan doen, ging ik vorige week naar iets geks, ik ging naar een Open Avond. Nu zijn open dagen en open avonden geen onbekende gegevens voor me, ik zit in het onderwijs en zeker twee of drie keer per jaar stelt school de deuren  open om toekomstige brugklassertjes ervan te overtuigen ónze school te kiezen. De ramen worden gelapt, de klassen zijn zo opgeruimd zoals ze anders nooit zijn, want je moet niet alleen informatie geven, er moet ook een goede indruk maken.

De Open Avond waar ik nu naar toe ging was vreemd in die zin dat er alleen maar informatie gegeven werd. Zichzelf verkopen is niet nodig, cursisten genoeg.  Ik ben namelijk naar de Open Avond van de Volksuniversiteit geweest.

Volksuniversiteiten werden opgericht om de massa/ het volk/ de arbeiders te verheffen en te onderwijzen. De eerste werd opgericht in 1913 in Amsterdam, maar ze bestaan dus nog steeds en in bijna elke stad. Ze bieden cursussen, workshops, lezingen en excursies aan, op echt allerlei gebieden.

En aan de ene kant vind ik het supertuttig, dat begrip Volksuniversiteit, aan de andere kant vind de historica in mij het ook wel weer grappig omdat het zo’n oud instituut is.

En ik ga deze herfst een cursus Italiaans doen. Ja, echt! Ik vind het zo leuk, ik verheug me er nu al op. Ik wilde al een hele tijd Italiaans leren, want ik vind het de mooiste taal ter wereld. Met een schriftelijke cursus ben ik er al eens aan begonnen, maar ik ben niet zo heel goed in grammatica, en ik merk dat ik gewoon een juffie nodig heb die me dingen uitlegt, en waar je ook meteen de uitspraak kunt oefenen.

Op de Open Avond heb ik nog wat informatie gekregen, en de bevestiging dat Italiaans II een goede keuze was. (‘Dag’ zeggen en me voorstellen kan ik al wel, de voltooide tijd nog niet). De boeken heb ik in huis, ik ben er klaar voor. En met dat regenachtige weer zit het ook wel goed.

maandag 12 september 2011

De witte veer, John Boyne

Tijdens de Eerste Wereldoorlog was het in Engeland volkomen duidelijk; de Duitsers waren de tegenstanders en elke rechtgeaarde Engelsman wilde niets liever dan de beschaving redden en te vechten in wat later de ‘Great War’ zou heten.
 
Toch waren er mannen die geen dienst wilden nemen, de zogenaamde ‘witte veren’ de lafaards. Sommigen waren gewetensbezwaard, zij waren tegen de oorlog, maar waren wel bereid om aan het front als brancarddrager te fungeren.

Maar je had ook de totaalweigeraars (Absolutists, zoals de Engelse titel van dit boek luidt) die helemaal niets wilden bijdragen aan de oorlog. Voor hen was in het Engeland van 1914-1918 geen enkele plaats. Dat soort mannen werd gezien als verraders, lafaards van het ergste soort en Engeland onwaardig. Voor hen was er de gevangenis of het vuurpeloton. Als je op het slagveld weigerde verder te vechten, zelfs al was dat omdat je Shell Shock had (wat we tegenwoordig post traumatisch stress syndroom noemen) dan werd je zonder pardon neergeschoten.
Het nieuwste boek van John BoyleDe witte veer’ speelt zich af in de Eerste Wereldoorlog. De hoofdpersoon is Tristan Sadler, die door zijn ouders het huis uit is gezet nadat hij iets heeft gedaan dat zij schandelijk vinden. Hij is zeventien, maar  heeft gelogen over zijn leeftijd om dienst te kunnen nemen. In het opleidingskamp in Aldershot maakt hij kennis met Will Bancroft, en zij worden vrienden en meer.

In hun peloton zit ook Wolf, een gewetensbezwaarde. Hem wordt het leven zuur gemaakt en vlak voordat de opleiding is afgelopen en ze naar Frankrijk zullen gaan, wordt Wolf dood gevonden. Will luisterde regelmatig naar Wolf en was het niet eens met de manier waarop hij behandeld werd. Tristan wil zich hiervan afzijdig houden. Will en Tristan gaan naar Frankrijk en de vriendschap tussen hen is veranderd. Af en toe komen zij elkaar tegen in de loopgraven, maar het wordt nooit meer zoals in het begin, er staat teveel tussen hen in. Als ze beiden betrokken zijn bij een incident waarbij een jonge Duitse soldaat wordt doodgeschoten, neemt Will een beslissing die grote gevolgen heeft.
 
Na de oorlog zoekt Tristan de zus van Will op, om de brieven terug te geven die zij aan haar broer heeft geschreven. Het boek is verdeeld in de stukken die gaan over  de dag in 1919 dat Tristan Marian ontmoet, en daartussen de stukken over de opleiding in Aldershot en de loopgraven in Frankrijk.

De witte veer’ gaat over lafheid, vermeende en echte lafheid. Tristan overleeft de oorlog en is dus een held, maar hij is laf in die zin dat hij niet voor zijn vriend opkomt, en zich nooit met een van de incidenten bemoeit die plaatsvinden. Will wordt gefusilleerd als lafaard en deserteur, maar houdt zich wel vast aan zijn principes over goed en kwaad, zelfs in tijden van oorlog.
 
Toch is Will de lafaard als het gaat om zijn gevoelens, hoe hij steeds bagatelliseert wat hij en Tristan voor elkaar voelen en wat ze samen hebben gehad, aan de ene kant het initiatief neemt, maar aan de andere kant walgt van Tristan en wat ze samen hebben gedaan. En Tristan is hier de dappere, hij is bereid om tegen de heersende moraal in de stap te nemen en zijn liefde voor Will te bekennen, zelfs terwijl hij al eerder heeft ondervonden hoe verschrikkelijk de reacties van de omgeving daarop kunnen zijn.

Het einde is intens triest en ik heb het niet kunnen lezen zonder tranen. Mijn hart ging uit naar Tristan, die al die jaren na de oorlog nog elke dag dacht aan wat er was gebeurd en wat hij had gedaan. Die nooit zichzelf had kunnen zijn omdat hij groot werd in een tijd dat homoseksuele gevoelens verwerpelijk waren. Mijn hart ging uit naar Will, omdat hij bereid was om te proberen zijn menselijkheid te bewaren in een tijd dat problemen hebben met vechten en doden ook als verwerpelijk werd gezien. Ik had medelijden met alle mannen die in die oorlog hebben gevochten en zulke vreselijke dingen hebben gezien en meegemaakt.

John Boyne kan schrijven, dat heeft hij al laten zien met ‘Het Winterpaleis’, ‘De scheepsjongen’ en ‘De jongen in de gestreepte pyjama’.
De witte veer’ is opnieuw van een adembenemende kwaliteit. Het leest moeiteloos en neemt je mee naar de verschrikkingen van de oorlog en de loopgraven. Het laat je meevoelen en meeleven met Tristan en Will en de beslissingen die zij nemen. Het laat je nadenken over wat lafheid en wat moed nu eigenlijk is en het laat je beseffen dat goed en kwaad, dapper en laf, liefde en verraad nooit zwart-wit zijn.

Oorspronkelijke titel: The absolutist
Uitgegeven in 2011
Nederlandse uitgave 2011 door uitgeverij De boekerij
Nederlandse vertaling: Mechteld Jansen
Bladzijdes: 318

zondag 11 september 2011

De steen, Bram Vermeulen

Ik heb een steen verlegd,
in een rivier op aarde.
Het water gaat er anders dan voorheen.
De stroom van een rivier, hou je niet tegen
het water vindt er altijd een weg omheen.
Misschien eens gevuld, door sneeuw en regen,
neemt de rivier m'n kiezel met zich mee.
Om hem, dan glad, en rond gesleten,
te laten rusten in de luwte van de zee.

Ik heb een steen verlegd,
in een rivier op aarde.
Nu weet ik dat ik nooit zal zijn vergeten.
Ik leverde bewijs van mijn bestaan.
Omdat, door het verleggen van die ene steen,
de stroom nooit meer dezelfde weg zal gaan.

Ik heb een steen verlegd,
in een rivier op aarde.
Nu weet ik dat ik nooit zal zijn vergeten.
Ik leverde bewijs van mijn bestaan.
Omdat, door het verleggen van die ene steen,
de stroom nooit meer dezelfde weg zal gaan.

zaterdag 10 september 2011

Zielige katjes

Een keer per jaar moeten de poezen naar ‘oom dokter’ zoals Claudia dat altijd noemt en dat regel ik altijd in de grote vakantie. Ik haal de vervoersboxen een paar dagen van tevoren naar boven, zodat ze er alvast aan wennen. 

Ik weet onderhand hoe ik ze aan moet pakken. Corrado kan ik niet gewoon optillen en als ik de box naar hem toe breng, is hij verdwenen. Corrado moet ik in zijn nekvel grijpen als hij nietsvermoedend naast mij zit, en dan moet ik hem met een hand om zijn achterpootjes naar de box dragen. Snel laten zakken en de deksel dicht: Corrado zit. Silvia is een ander verhaal, die heeft een hekel aan dat nekvelgedoe en wordt erg wild als ik dat probeer. Maar als ik haar gewoon optil en voor haar vervoersboxje zet, loopt ze uit zich zelf naar binnen. Maf beest.

De nieuwe dierenarts die ik hier heb gevonden, is me niet zo heel goed bevallen. Kundig genoeg, dat is het niet, maar iets te gek op allerlei nieuwe snufjes. Ze moesten ander (duur) voer, en omdat Silvia wel eens voor de bak plast zou haar urine onderzocht moeten worden. Ik zou dan een lege bak met plastic korrels moeten aanschaffen en meteen met die urine moeten komen. En hij had nog wat van dat soort dingen. 

In Barendrecht had ik een heel fijne dierenarts die ze altijd grondig onderzocht, maar die niet met allerlei wilde plannen kwam. Volgens hem had Silvia geen blaasontsteking en was dat voor de bak plasserij een uiting van stress of aandacht trekken. En dat heeft hij kunnen onderzoeken zonder plastic korrels of andere ongein.

Wij hadden vroeger een tandarts, die precies hetzelfde deed. Hij was een heel goede vakman, maar hij had altijd de nieuwste snufjes en die wilde hij ook uitproberen. Een controle kon wel een uur duren en als hij een vulling aanbracht, deed hij de opbouw voor de eventuele kroon er alvast onder. De rekening was navenant.

Volgens de dierenarts hadden de poessies vlooien en ik kreeg pipetjes mee om in hun vacht te doen, zodat die rotbeesten dood gingen. (de vlooien, niet de poezen) Ik had zelf die vlooien nog niet opgemerkt, maar goed, de dokter zal het wel weten. Ik heb het dat weekend daarop dus erg druk gehad met alles zuigen, dweilen en het draaien van ongeveer 300 wassen. Nou, elke vlo die er nu nog tussendoor is gesprongen die heeft geluk, veel plezier ermee.

Corrado was snel over het hele gebeuren heen, een dagje verlatingsangst (waarbij hij me zelfs in de badkamer volgt en ontzettend begint te miauwen als hij me niet kan vinden), maar dan is het voor hem weer voorbij.
Silvia ziekt uit
Helaas duurde het voor Silvia langer, zij had namelijk oorontsteking. Dat hebben ze allebei wel eerder gehad en ik moest toen 1x per dag met een tube met zalf hun oortjes doen. Ik kreeg weer zo’n tube mee. Nu heeft Silvia kleine oortjes met een smal gehoorgangetje en het is bijna niet te doen. Nog erger is dat ze gewoon bang voor me werd; als ik er aankwam, dook ze meteen weg onder het bed of onder de stoel. Tot overmaat van ramp is ze toen ook nog een paar dagen verkouden geweest, ik hoorde steeds een enorm genies uit dat kleine beestje komen. Ze is er zelfs een dag helemaal hangerig van geweest en heeft toen de hele dag in bed gelegen. Mijn bed, welteverstaan.

Gelukkig was het een paar dagen later al weer helemaal over en toen ze terug moest voor controle voor haar oortjes heb ik er niets over gezegd. Deze dierenarts was me iets te enthousiast in het bedenken wat er dan allemaal gedaan zou kunnen worden.  Voor dit jaar is het leed weer geleden, maar ach, wat kunnen die katjes zielig zijn.

donderdag 8 september 2011

De migratie van het oude weblog, een update

Het is ondertussen 15 dagen geleden dat web-log uit de lucht ging. Voor het vorige weekend kwam het bericht dat maandag alle weblogs weer oké zouden zijn. Maar al heel snel werd duidelijk dat er alleen maar werd bedoeld dat maandag de data overgebracht zou zijn. Daadwerkelijk online gaan zou nog veel langer duren. En dat duurt het dus ook, want ondertussen is het donderdag 8 september en mijn oude weblog is nog altijd niet in de  lucht, en met die van mij nog vele andere ook niet.
Ik volg een aantal weblogs en sommige daarvan bestaan al jaren, maar geen daarvan is al zichtbaar.
Ondertussen zie je de stemming bij de bloggers omslaan. Eerst was er begrip, toen lichte paniek en daarna ongeduld. Dat ongeduld sloeg op een gegeven moment om in regelrechte woede en frustratie. Maar nu zie je de onverschilligheid overheersen en halen mensen de schouders op. ‘Web-log doet het nog niet? Kan mij het schelen, ik zit ondertussen ergens anders.’ Ik ben namelijk niet de enige die ergens anders een goed thuis heeft gezocht voor haar of zijn weblog. Wordpress of blogspot zijn favoriet, en misschien zijn er ook andere plekken. Iemand is zelfs al zo handig geweest een site op te zetten waar iedereen zijn of haar nieuwe adres kan doorgeven en daar wordt gretig gebruik van gemaakt.
En waarom loopt het allemaal zoals het gaat? We hebben geen idee. Coentje en consorten (zoals wij in de familie ondertussen de mensen bij web-log noemen) doen tot nu toe hier bijzonder weinig coherente uitspraken over. Het blijft allemaal in het vage. En daar zit hem ’t probleem.
Dat er dingen niet gaan zoals je had gedacht, dat kan. Dat er allerlei onverwachte dingen fout gaan, kan ook. Dat alles ongeveer mis gaat dat mis kan gaan, dat is allemaal te begrijpen. Dat neem ik ze niet kwalijk. Ik neem ook aan dat Coentje en consorten heel hard werken om alles rond te krijgen, dat zij slapeloze nachten hebben van deze nachtmerrie en dat hun familieleden ondertussen denken; ‘wie is toch die vreemde meneer/mevrouw die af en toe een email stuurt?’
Maar waarom toch die vreemde berichtgeving? Waarom geen goede, duidelijke uitleg, verzameld op één plek? Er is één plek waar alles verzameld is, maar dat is de site van journalist Jeroen Mirck. Een plek waar je tenminste kunt lezen wat er aan de hand is en wat de laatste stand van zaken is. Alles overzichtelijk onder elkaar.
Vanuit web-log zelf is het een stuk slechter geregeld. Er was eerst de helpdesk, maar toen daar teveel (kritische) reacties op kwamen is die functie eraf gehaald. Af en toe komen er mededelingen, maar die staan op verschillende plekken bij die helpdesk. Verder is er twitter, waar soms 24 uur geen informatie komt en af en toe schijnt er ook nog iets op facebook te verschijnen (dat laatste zie ik niet, want dat volg ik niet). Mededelingen die komen zijn vaag en gedane beloftes worden teruggedraaid. Reacties op boze en bezorgde bloggers zijn vaak niet to the point, gaan niet op de kern van de zaak in, mensen krijgen geen antwoord op hun vragen en de situatie en de gevoelens van mensen worden gebagatelliseerd. Met als gevolg dat mensen nog bozer en gefrustreerder worden. Natuurlijk hebben de mensen achter weblog op dit moment meer te doen dan constant vragen van mensen te beantwoorden, maar mensen komen steeds met ongeduldige vragen omdat ze geen idee hebben waar ze aan toe zijn en zich zorgen maken over iets dat voor iedere blogger belangrijk is, namelijk hun weblog.
Sinds gisteravond is er een nieuwe update van web-log zelf, waarin eindelijk eens duidelijk wordt gezegd wat ze nu aan het doen zijn én wanneer er weer een update komt. Kijk, daar heb je iets aan. Maar dat het twee weken moet duren voor Coentje en consorten daar achter komen, is wel heel erg.

woensdag 7 september 2011

Tips voor die regenachtige herfstdagen

In de laatste week van de vakantie wilde ik iets leuks doen, ondanks de regen. Ik besloot gebruik te maken van mijn museumjaarkaart (geweldige uitvinding!) en ben naar Amsterdam gegaan.
Het altaar, nu nog
in restauratie
Allereerst ben ik naar ‘Ons’ Lieve Heer op Solder’ gegaan, op de Oudezijds Voorburgwal 40. Een groot pand uit de 17e eeuw, waar door de koopman die het kocht op zolder een katholieke schuilkerk is gebouwd. In de Republiek der Verenigde Nederlanden was het Calvinisme de officiële godsdienst en in theorie waren de andere geloven niet toegestaan. Maar praktisch als de heren regenten waren (kooplieden he, dan denk je aan de winst, niet aan de ideologie)  werd het oogluikend wel toegestaan, zolang het niet opviel. Een katholieke kerk was toegestaan, maar mocht aan de buitenkant niet als kerk herkenbaar zijn.

In de 19e eeuw is het een museum geworden, al schijnt er nog een keer per maand een Mis opgedragen te worden. Ze zijn op dit moment nog bezig met restaureren, maar het museum is gewoon open en op sommige plekken zie je dus bijvoorbeeld de schilders bezig. Niet alles is open, en veel van de aankleding is opgeborgen zoals schilderijen en meubels, maar je krijgt wel een heel goed idee hoe dit huis en de kerk er uit moeten hebben gezien. Ergens volgend jaar zal de restauratie klaar zijn. Het pand ernaast is aangekocht en zal helemaal museum worden, maar dat duurt tot 2013 voor het klaar is. Een aanrader om naar toe te gaan, ik heb ervan genoten.

Toen even de Oude Kerk binnengegaan, maar die protestantse kerken doen mij altijd heel erg weinig. Koud, kil, kaal, ongezellig. Wel mooi licht.

Op naar wat winkels en in de Kalverstraat ben ik toen maar naar het Amsterdams Historisch Museum gegaan. Onder die naam kende ik het tenminste altijd, maar tegenwoordig heet het ‘Amsterdam Museum’. Ook goed.

Ingang in de Kalverstraat

Het was al zeker 10 jaar geleden dat ik er voor het laatst was geweest, waarschijnlijk zelfs langer en ik heb lekker door de zalen gelopen, mooie dingen bekeken en gezien hoe Amsterdam veranderd is. 

Ik had graag iets meer van de krakersrellen gezien, dat gedeelte vond ik erg minimaal, terwijl dat volgens mij toch wel een definiërend moment is geweest. Maar ik houd van musea waar ze dingen nabouwen en je echt wat kunt zien, zo vond ik het gedeelte over opvoeding en kinderen erg leuk, van de eerste communie via de Tweede Wereldoorlog naar de anti-autoritaire kresj. 

Ook de afdeling met de huizen vond ik geweldig. De ingerichte poppenhuisjes van de verschillende nieuwbouwprojecten uit de 20e eeuw zodat je de verschillen goed kon zien en het nagebouwde keukentje uit de jaren 50 met de pannen en het vergiet van groen emaille zijn de gedeeltes waar ik veel plezier aan beleef.  

Al kwam ik er wel achter dat ik geen idee had wat ‘Sago’ was, dat heb ik ‘s avonds aan mijn moeder na moeten vragen. (iets om pap mee te maken)
Het enige probleem bij dit museum en eigenlijk elk museum is dat ik constant denk ‘is dit goed lesmateriaal?’ Beroepsdeformatie; daar kom je nooit los van.

maandag 5 september 2011

Dodelijke conclusie, Donna Leon

Bijna elk jaar komt er een boek van Donna Leon uit. Zo ook deze zomer. ‘Dodelijke conclusie’ is het twintigste deel in de reeks met de ontzettend aardige commisario Guido Brunetti.

Een jonge vrouw haalt de post op bij haar buurvrouw en treft haar buurvrouw dood aan. Zij belt de politie en commisario Brunetti onderzoekt de zaak. Het lijkt een gewone dood door een hartaanval ter zijn, maar een paar blauwe plekken zouden op een gewelddadige dood kunnen wijzen.

Brunetti komt erachter dat de vrouw haar huis als schuilplaats bood voor vrouwen die door hun echtgenoot of vriend werden mishandeld. De vrouw die ze als laatste in huis heeft gehad is spoorloos verdwenen. Brunetti onderzoekt dit spoor, maar komt ook bij het verpleegtehuis aan waar de dode vrouw als vrijwilligster werkte. Hij spreekt met een aantal bewoners waar zij regelmatig mee optrok, en komt achter een oude zaak, waarin gestolen tekeningen een rol spelen. Een oude zaak, die zich uitstrekt tot het heden.

Donna Leon is een Amerikaanse die al jaren in Venetië woont, waar haar boeken zich ook afspelen. In deze boeken vindt je geen actie, geen bloederig geweld en geen heftige dingen. Ook hebben ze nooit een erg ingewikkeld plot met allerlei twists. Brunetti is een Venetiaan in hart en nieren, een belezen man met een scherp oog en een ruim hart voor zijn medemens. 

Je proeft de sfeer van Venetie, waar het leven ongehaast is (geen auto’s) en alles afhangt van de stand van het water. Met Brunetti neem je de vaparetto en loop je via de smalle calle’s naar de campo. Brunetti overdenkt  de stad, en daarmee Italie, de wereld en het leven, en uiteindelijk ook de zaak.

En hoewel de hoofdcommisaris Patta, de hoofdinspecteur Scarpa en signoria Elletra en Brunetti’s vrouw Paola altijd wat oppervlakkig blijven en soms een tikje karikaturaal, is ‘Dodelijke conclusie’ weer een heel fijn boek in een heel fijne reeks. 

zondag 4 september 2011

De laatste uurtjes van de vakantie

Het nieuwe rooster heb ik van de week in mijn agenda geschreven. Planningen voor deze periode heb ik gemaakt en voorbereidingen voor de eerste lessen zijn klaar.  De schoolsleutels zijn van het prikbord afgehaald waar ze zeven weken hebben gehangen en zitten weer in de tas. De kleren voor morgen zijn klaargelegd. De tas heb ik net ingepakt.

Het is duidelijk, morgen begint school weer en de zomervakantie is bijna voorbij.
Ik kan dan niet meer elke dag tot een uur of tien in mijn pyjama rondlopen (wat vind ik dat altijd een heerlijke luxe) en niet meer héél laat naar bed gaan, want vanaf morgen begint het werkende leven weer en gaat mijn wekker om half 6.  
Ik heb een heerlijke vakantie gehad. Een vakantie waar ik hard aan toe was na een heel zwaar jaar. Een vakantie waarin ik veel boeken heb gelezen, vriendinnen heb gesproken, dingen heb afgehandeld, musea heb bezocht en allerlei leuke dingen heb gedaan. Ik ben uitgerust en ik heb nieuwe energie opgedaan en ik ben klaar voor een nieuw schooljaar.

Ik heb ook wel weer zin in dat nieuwe jaar. Ik geef toe, als zo meteen de rector belt en zegt dat school een week later begint, hoor je mij niet klagen, maar ik heb wel weer zin om te beginnen. De eerste lessen zijn altijd heel druk omdat je van alles moet uitdelen, uitleggen, regelen en afspreken. Maar het is wel heel gezellig. Je ziet je collega’s weer, je ziet leerlingen weer (als ik eerlijk ben zie ik sommigen liever dan anderen) en binnen tien minuten nadat je op maandagmorgen school binnenstapt, is de vakantie heel ver weg en zit je weer volkomen ‘in’ school.
Gelukkig heb ik nog even een heel klein restje vakantie, ik ga genieten van die laatste uurtjes.

Citaat: Marcus Aurelius

Het geluk in je leven hangt af van de aard van je gedachten.

Raam in Rome (2009)
Marcus Aurelius (Romeins keizer, 121-180)

The Great British Bake Off

Yes, het is er weer! Vorig jaar heb ik genoten van ‘The Great British Bake Off’ en ik ben erg blij dat serie twee weer is begonnen. Elke dinsdagavond om 21.00 uur zit ik klaar, want dan wordt het uitgezonden op BBC2.
Twaalf amateur bakkers strijden elke week tegen elkaar in deze bak wedstrijd en elke week valt er iemand af.
Het thema is iedere week anders; cake’s, taarten, koekjes, quiches, brood, pasteien, noem het maar op; alles komt aan bod.
De opdrachten beginnen met een ‘signature bake’, de kandidaten moeten de cake, of het soort brood, of de taart bakken die zij het beste kunnen maken. Daarna volgt de ‘technical bake’,  waarin alle kandidaten hetzelfde moeten maken. Ze krijgen de ingrediënten en een globaal recept, maar verder geen aanwijzingen. Het ligt aan de technische bakkunsten van de kandidaten of ze daarmee uit de voeten kunnen. De dag erop tot slot is de grote opdracht, waarin ze én technisch perfect moeten presteren én hun creativiteit moeten laten zien.

De baksels worden geproefd en gejureerd door twee grootheden in Engeland. Mary Berry, schrijfster van meer dan 60 kookboeken, en Meesterbakker Paul Hollywood. Zij weten precies hoe de je met deeg om moet gaan en hoe een perfecte quiche of taart eruit moet zien. Zij zijn vriendelijk, maar wel duidelijk in hun commentaar. ‘This is quite disgusting.’ ‘I do not like this.’ Hun eisen zijn hoog. Soms is er ook wat verschillen van opvatting tussen Mary en Paul. ‘Het zijn maar amateurs.’ ‘Ja, maar we zoeken wel de béste amateur. ’
De wedstrijd wordt gepresenteerd door comédiennes Sue Perkins en Mel Giedroyc, die voor ontzettend grappig commentaar zorgen. Tussen het bakken door zijn er filmpjes waarin zij op zoek gaan naar de oorsprong en geschiedenis van verschillende soorten baksels. (informatief, én leuk, wat kun je nog meer verlangen)
Wat zo heerlijk is aan deze wedstrijd is ten eerste dat het zo echt Engels is. Ten tweede is het geweldig om te zien wat er gemaakt wordt en wat voor heerlijke dingen sommige mensen kunnen maken. Ten derde is het inspirerend. Ik krijg altijd zelf enorme zin om te gaan bakken. Na de aflevering van vorige week dinsdag heb ik zelf een quiche gemaakt (met echt deeg, geen bladerdeeg!)   

The Great British Bake Off, elke dinsdag om 21.00 uur op BBC2 (wordt herhaald op zondag om 12.30 uur op BBC2)

Toen Napoleon Maly verliet, Peter d'Hamecourt

Jarenlang correspondent in Rusland geweest en nu wonend in Rusland (zijn vrouw is een Russische, heb ik begrepen) is Peter d’Hamecourt dé aangewezen persoon om over Rusland te schrijven. 

Ik heb van zijn hand al een paar boeken mogen lezen, over Moskou, St. Petersburg en Rusland en ik was dan ook erg blij dat ik in de museumwinkel van de Hermitage in Amsterdam zijn laatste boek tegenkwam; ‘Toen Napoleon Maly verliet’.

Dit is de geschiedenis van het provinciestadje Malojaroslavets (Maly in de volksmond). Een typisch stadje waar de hele Russische geschiedenis sporen heeft nagelaten.
In een aantal hoofdstukken loopt Peter d’Hamecourt deze geschiedenis bij langs. 

Hoe in 1812 de troepen van Napoleon hier hun laatste slag leverden, hoe in de 19e eeuw de tsaren regeerden en welke effecten dat had op het stadje. De Eerste Wereldoorlog breekt uit en daarna de Revolutie van 1917. Stalin krijgt de macht en zijn terreur verlamd het hele land. 

Maly wordt een van de steden waar veel 101 kilometer gezinnen komen te wonen. Vrijgelaten gevangenen uit de Goelag en hun gezinnen moesten zich 101 kilometer buiten een grote stad vestigen en Maly was één van de stadjes die voor vestiging in aanmerking kwam. De vijanden van het volk en hun gezinnen voelen dit stigma hun hele leven en zelfs de volgende generaties ondervonden de gevolgen.
Als de Tweede Wereldoorlog uitbreekt en de Duitsers Rusland binnenvallen, krijgt het begrip ‘vijand van het volk’ weer een heel andere betekenis. De soldaat die naar huis schreef en de mooie dorpen in Duitsland prees, of de soldaten die krijgsgevangen waren genomen, werden bij hun thuiskomst opgewacht door de NKVD, de voorloper van de KGB, en verdwenen vervolgens in de Goelag.

Nu regeren Medvedev en Poetin en is er onmetelijke rijkdom in Rusland, maar ook nog altijd bittere armoede.
Wat zo fascinerend is in dit verslag, is het besef dat er voor de gewone mensen eigenlijk zo ontzettend weinig veranderd is. In 1812 hadden de mensen in Maly geen riolering en die hebben ze nog niet, in 1812 waren er in het stadje bijna geen verharde wegen, of afvoerputten, of stromend water in alle huizen. Dat is er in veel gevallen nog altijd niet.

In tweehonderd jaar is het leven vooral moeilijk geweest voor de gewone mensen.
Het leven is hard, lonen zijn laag, voorzieningen niet bestaand en willekeur en corruptie spelen tot op de dag van vandaag een rol in het Russische leven.

Met een open oog kijken naar de geschiedenis, vooral de meest recente, is voor veel Russen niet goed mogelijk. Velen durven zich nog altijd niet uit te spreken, ze hebben maar al te vaak gemerkt dat daar narigheid van komt. Openbaarheid van zaken geven en burgerparticipatie zijn vreemde begrippen in het Russische bestuur.

Onder de tsaren was Rusland geen democratie en werd er streng opgetreden tegen mensen met kritiek op de regering. Mensen voelen zich niet bij de regering en bij hun land betrokken. 

De kerk die een grote rol speelde in de 19e eeuw probeert weer een beetje die eenheid terug te brengen, maar dit gaat moeilijk. Ook omdat zoveel Russen opgegroeid zijn zonder kerk, in de Sovjet jaren toen dat eerst verboden was en daarna oogluikend werd toegestaan, maar wel met argwaan werd bezien.

Hard werken, maar net je hoofd boven water kunnen houden en de overheid niet vertrouwen; hier is nooit verandering in gekomen in de jaren die volgden op het vertrek van Napoleon uit Maly.

Uitgegeven in: 2010
Bladzijdes: 304

Rabbit Hole (2010)

Rabbit Hole is een van de nieuwste films van Nicole Kidman. Een actrice die ik altijd graag mag zien spelen. Natuurlijk heeft ze een aantal films gemaakt die ik niet zo heel denderend vind (zullen we The Stepford wifes en Bewitched maar gewoon vergeten?), maar in heel veel films was ze goed of zelfs briljant. (ik noem alleen even The Others en The Hours, maar de lijst is langer.)

Rabbit Hole is weer een film waarin ze absoluut briljant is.
Het is het verhaal van Becca en Howard, een echtpaar dat acht maanden geleden hun zoontje heeft verloren bij een ongeluk. De hond rende de tuin uit, jochie rende achter de hond aan, zo onder een auto. 

Niemand heeft de schuld, maar daar sta je dan als ouders. Hoe ga je verder, met elkaar, met je leven, met al die buren en vrienden die wel allemaal levende kinderen hebben?

Becca en Howard reageren heel verschillend op het verlies. Howard heeft het kinderzitje nog in zijn auto en kijkt steeds naar de film die hij op zijn telefoon heeft staan. Hij wil met alle macht zijn zoontje vasthouden.

Becca wil het liefst alles verwijderen dat aan haar zoontje doet denken. De hond is bij haar moeder. Ze wil de kleertjes aan haar zus geven die zwanger is, maar die wil ze niet. Ze ruimt de tekeningen op en probeert van alles om het gewone leven weer op te pakken. Als ze op een dag langs gaat bij haar vroegere werk, merkt ze dat daar alles veranderd is. Op de weg terug naar huis ziet ze Jason, de jongen die de auto bestuurde die haar zoontje overreed. Zij volgt hem en zij raken aan de praat. 

Ondertussen hebben Becca en Howard de praatgroep geprobeerd voor ouders die hun kinderen verloren hebben. Becca heeft er na één keer wel genoeg van, maar Howard blijft komen. En terwijl Becca steeds meer contact krijgt met Jason, komt Howard een van de vrouwen in de praatgroep steeds nader.

Rabbit Hole is een film over een zwaar en moeilijk onderwerp, maar het is geen zware of moeilijke film.
Er zitten schrijnende scènes in; zoals waar Jason aan Becca vertelt dat hij denkt dat hij misschien wel iets te hard heeft gereden in de straat, misschien wel 31 of 32, in plaats van 30 kpu.

Er zitten hartbrekende scènes in; als Becca aan haar moeder, die ook een zoon heeft verloren, vraagt of het verdriet ooit minder wordt of als Howard instort terwijl hij met de hond loopt.

Maar er zitten ook grappige scènes in, die in de praatgroep bijvoorbeeld.

Het einde is, ondanks de verschrikking van de situatie, toch positief.  Becca en Howard hebben de weg naar elkaar weer een beetje terug gevonden. 

Rabbit Hole is geen film die je even snel tussendoor kijkt of gezellig met een bak popcorn erbij. Het is een prachtig drama, met schitterende rollen van Aaron Eckhart en Nicole Kidman.

De tovenaar van Petersburg, Roel Smits

In ‘De tovenaar van Petersburg’ van Roel Smits gaat het om de professor in de biologie, Otto Herz.
Het is 1905 in Sint Petersburg en ‘Bloedige zondag’ heeft net plaatsgevonden.
Rusland is in oorlog met Japan en het volk kwam in opstand tegen de hongersnood en de ellendige omstandigheden. Een vreedzame demonstratie naar het winterpaleis, om de tsaar een petitie aan te bieden, liep uit op een bloedbad, toen het leger op de menigte schoot.
In de maanden erna was Sint Petersburg een stad in chaos. Constant protesten, militairen in de straten en de dreiging van revolutie.
Otto Herz maakt zich niet druk om de opstand of om revolutie. Voor hem is de expeditie belangrijk die hij een jaar eerder heeft gemaakt om een mammoetskelet uit Siberië op te halen en te prepareren voor het museum.
Zijn zoon Willi is student en was opgepakt door de Ochrana (de geheime politie van de tsaar) vanwege revolutionaire activiteiten. Porfessor Herz staat voor zijn zoon in en het lijkt een goed idee dat Willi meegaat met de expeditie, om op die manier ver weg van alle gevaarlijke ideeën te komen.
De verhouding tussen Otto en zijn zoon Willi is bijzonder moeizaam. De vader is iemand die alles alleen maar strikt rationeel bekijkt, zelfs zijn eigen familieleden. Zijn zoon wil alles doen om contact te krijgen met zijn vader en wil uiteindelijk maar één ding, dat zijn vader antwoord geeft op de vraag of hij van Willi houdt.

Tijdens de expeditie komen ze van alles tegen, ze zien de armoedige omstandigheden van de mensen in Siberië, zien hoe geloof en bijgeloof een rol spelen. Ze ondervinden het koude klimaat en de gekte die zoveel uitgestrekte vlakten vol sneeuw bij mensen kan veroorzaken. 
Willi wordt ziek en hun begeleider haalt een sjamaan om hem te genezen. De professor gelooft hier niet in, maar stemt er uiteindelijk wel in toe. Willi geneest, maar dan gebeurt er nog iets vreselijks. De terugweg uit Siberië, met het mammoetskelet in stukken rendierhuid ingepakt valt samen met het uitbreken van de revolutie in 1905 en zorgt ervoor dat de expeditie in nog grotere chaos eindigt.  

Als Otto Herz eindelijk terug is in Sint Petersburg, ruikt hij steeds de verschrikkelijke geur van ontbinding en kan daardoor niets eten. Zijn vrouw haalt er een dokter bij die Otto Herz het advies geeft om te wandelen en om op te schrijven wat er allemaal gebeurd is. Hij mag zich even niet druk maken om de tentoonstelling die zal komen met het mammoetskelet, een tentoonstelling die geopend zal worden door de tsaar. Het is dit verslag dat wij lezen, afgewisseld met de hoofdstukken over Sint Petersburg in 1905. Langzamerhand komen we erachter wat er is gebeurd tijdens  die expeditie en hoe de verhouding tussen Otto en Willi steeds moeizamer werd. Deze verhouding wordt heel knap beschreven. Als ik het goed heb begrepen is Roel Smits psycholoog en dat merk je wel. Je hart gaat uit naar Willi en zijn worsteling om contact te krijgen met zijn vader. Je hart gaat ook uit naar de professor en zijn complete onvermogen om mensen en hun drijfveren te begrijpen, als die niet strikt rationeel zijn. Als je leert hoe de Otto zelf is groot geworden, dan wordt ook dat duidelijk. De manier waarop hij omgaat met het kleine hondje dat zijn vrouw hem meegeeft om mee te wandelen, is schrijnend. Hij doet hartroerend zijn best om voor dit hondje te zorgen en te begrijpen waarom dit jonge beestje dingen doet. (en als iets niet rationeel is, dan is het een jong hondje) In het contact dat hij met dat hondje heeft, komt hij gevoelens nader dan ooit in het contact met zijn zoon of zijn vrouw. Als je er uiteindelijk achter komt wat er gebeurd is op het einde van de expeditie is dat ongelofelijk triest.

Ik vond dit een prachtig boek, dat ik achter elkaar heb uitgelezen. Een boek dat heel mooi laat zien hoe mensen met elkaar om kunnen gaan en daarbij ook nog de politieke situatie van Rusland in 1905 heel goed weet weer te geven. Geweldig.

Hoogte en dieptepunten

Eén dag kan zowel leuke als minder leuke dingen brengen en 12 augustus 2010 was een typisch voorbeeld met hoogte en dieptepunten.

Hoogtepunt één was voor mij het bezoek aan de Hermitage in Amsterdam. Omdat het de verjaardag van Alexei was (ik zei toch al dat ik een beetje een obsessie heb) wilde ik iets Russisch doen en waar kun je dan beter terecht dan in de Hermitage? Tweede hoogtepunt was dat ik de Mis heb bijgewoond in de Sint Nicolaas kerk in Amsterdam en hoewel de Mis in het Spaans was (dat heeft vast wel ergens gestaan, maar dat zie ik dan niet) geeft dat niet zoveel, je kunt het toch wel volgen. Geweldig was echter het koor dat prachtig zong. Ik stond op een gegeven moment met tranen in mijn ogen omdat het zo mooi klonk, die stemmen die elkaar afwisselden in de akoestiek van die schitterende kerk. Iemand die ik ken noemt het de mooiste kerk van Amsterdam, en hij heeft wel een punt daarin. Kortom, dat was prachtig, één van die onverwacht cadeautjes die je soms krijgt.

Helaas kreeg ik thuis nog een onverwacht cadeautje, een vordering van een incassobureau omdat een auto met mijn kenteken ergens vorige week om half vier in de ochtend is weggereden bij een pompstation zonder te betalen. Ik ben dat niet geweest (echt niet), en heb gelijk gebeld met het incassobureau en mijn rechtsbijstandverzekering. Ik word door het incassobureau volgende week terug gebeld. Nu maar hopen dat ze de beelden (nog) hebben en dat het een heel andere auto blijkt te zijn, dan is het snel op te lossen. Lijkt mij. Hoop ik dan, hoewel ik me daar best eens in zou kunnen vergissen. Heel vervelend dat er iemand met mijn kenteken rondrijdt en allerlei rare dingen kan doen. En dat geregel dat je er meteen weer van hebt.

Gelukkig eindigde de dag weer heel goed, e-mailen met vrienden kan je weer aardig oppeppen. (en zijn soms ook onverwachte cadeautjes)
Meer hoogte- dan dieptepunten gisteren, maar dat dieptepunt is wel een heel diep dieptepunt. Ik heb voor nu eraan gedaan wat ik kon doen, en nu kan ik alleen maar wachten tot dat die deurwaarders me bellen volgende week, maar ik heb er wel aardig de zenuwen over.

Update: nadat ik een mail had gestuurd met mijn bezwaar en de gegevens over mijn auto, kreeg ik van de week de brief met de mededeling dat ze de zaak onderzocht hebben en dat ze tot de conclusie zijn gekomen dat de betreffende auto niet de mijne kan zijn geweest. Hoera!

Opruimen van de boekenkast

Zo eens in de zoveel tijd, meestal in of tegen de zomervakantie, ruim ik mijn boekenkasten op. Ik ga alle planken bij langs en ik haal er die boeken uit die ik toch al niet zo heel denderend vond, die tegenvielen, die ik alleen maar 'aardig' vond of die ik in al die jaren nooit heb herlezen en die ik waarschijnlijk ook niet zal herlezen. Ik koop namelijk vrij veel boeken en om de zaak een beetje in de hand te houden moet er ook af en toe iets uit. 

Laatst kreeg ik weer de geest en uiteindelijk lagen er zo’n dertig boeken op de vloer voor de kasten. Die verdeel ik vervolgens in stapels; één stapel voor mijn moeder (waar ook de boeken voor mijn oma bij op komen), één stapel voor vriendin M. en één stapel met wat weg kan.

De stapel met ‘kan weg’ breng ik soms naar de Slegte om te verkopen, maar de Slegte wil niet altijd alles hebben. Ik heb ooit vergeefs geprobeerd om ‘De kleine vriend’ van Donna Tart aan ze te slijten, maar die kreeg ik mooi weer mee. Toen ik bovenin de winkel kwam snapte ik waarom; er stonden al vier exemplaren.

Wat ik niet kan verkopen breng ik soms naar de kringloopwinkel en soms gooi ik het gewoon in de papierbak als ik er geen zin in heb om ermee te sjouwen.

Wat ik gisteren ook heb weggedaan zijn boeken die er staan omdat ik eigenlijk vind dat ik ze móet hebben of móet lezen, terwijl ik ze eigenlijk helemaal niet echt leuk of interessant vind. Zo had ik hier een oude uitgave van ‘Herfsttij der Middeleeuwen’ van Johan Huizinga staan. Een boek dat ik als mediëvist eigenlijk moet bezitten. Klein probleem, ik vind Huizinga niet om dóór te komen en in al deze jaren heb ik het boek nooit gelezen. Nog zo met een paar oude studieboeken, ‘Van ridders tot regenten’ over de Nederlandse adel in de 16e eeuw is nu weg. Ik had dat boek nodig voor een college in het eerste jaar van mijn studie, en heb er sindsdien niet meer ingekeken. Ook een biografie van Vita Sackville West (uiterst onaangenaam mens in mijn opinie) is verdwenen in de papierbak.

Het ruimt lekker op, dat wegdoen van boeken. Zo af en toe grote opruiming is geen slecht idee. Ik heb weer wat ‘schuifruimte’ zoals ik dat altijd noem, wat ruimte om nieuwe boeken bij te kopen. Maar op een gegeven moment zullen mijn kasten echt vol zijn. Ik kan dan gaan werken met dubbele rijen (doe ik nu soms al) maar dat is ook niet ideaal.

Ik ken iemand die een boekkast heeft die zo vol is, dat ze daar in huis hebben afgesproken dat als er een nieuw boek binnenkomt, er ook een boek weg moet. Misschien moet ik daar uiteindelijk ook toe over. Maar voorlopig heb ik weer even ruimte. Ik kan tenminste langs de boekhandel.
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...