vrijdag 31 augustus 2012

De laatste dagen van de vakantie

De vakantie, de glorieuze, heerlijke, lange zomervakantie, is bijna voorbij. Komende maandag begint het werkende leven weer.
Mijn huis is schoon, ik heb prachtige dagen in Rome gehad, ik heb met vriendinnen afgesproken, ik heb prachtige boeken gelezen, mooie muziek geluisterd en schitterende tentoonstellingen bezocht. Ik ben grotendeels uitgerust, en heb er voorzichtig weer zin in om wat leerlingen te zien. (veel meer dan dat is het op dit moment nog niet, vrees ik)
In deze dagen ben ik bezig om voor school alles in orde te maken. Het rooster is bekend, dus ik weet een beetje waar ik aan toe ben. (hoewel hier nog altijd iets in kan veranderen) De eerste e-mails zijn alweer uitgewisseld met collega’s, want  zoals altijd is de klassenverdeling weer anders dan in de week voor de vakantie en moesten we weer dingen regelen.

Komende maandag is altijd druk, je ziet al je collega’s weer, je maakt de laatste dingen in orde, krijgt de informatie over je mentorklas, maakt de last-minute afspraken met de sectie. Je rent van hot naar her, want je moet van alles regelen en allerlei mensen spreken.
’s Middags doet mijn school de personeelsmiddag. Ik neem aan dat dit bedoeld is om de nieuwe collega’s de kans te geven mensen te leren kennen en iedereen weer in de stemming te krijgen, maar aan mij is deze middag niet besteed. Om meteen al de eerste dag van het schooljaar tot negen uur ‘s avonds bezig te zijn terwijl de dag erop de lessen weer starten is voor mij persoonlijk niet erg handig. Ik ga ’s middags naar huis en ik bereid mijn lessen voor de volgende dag voor.

Want dinsdag begint het echte lesgeven. Niets eerst nog rustig een dagje rooster en boeken uitdelen, de leerlingen krijgen hun boeken thuisgestuurd en kunnen het rooster op internet vinden, dinsdag hebben ze eerst een kennismaking met de mentor en daarna beginnen gewoon weer de lessen.

Als het goed is zijn de lokalen schoon en zijn de leerlingen uitgerust en hebben ze er weer zin in, net zoals wij J.
Het nieuwe schooljaar kan beginnen, maar ik wil eerst nog even genieten van deze laatste vakantiedagen.

donderdag 30 augustus 2012

Het geluid van de nacht, María Dueñas

Madrid, begin jaren ‘30. Sira Quirigo is een jong meisje dat met haar moeder werkt in een naaiatelier. Ze is verloofd met Ignacio en gaat met hem een veilige toekomst tegemoet. Maar dan ontmoet ze Ramiro, die haar het hoofd op hol brengt. Sira verlaat haar moeder en Ignacio en gaat er met Ramiro vandoor naar Marokko, dat op dat moment voor een deel Spaans protectoraat is. 

Dankzij de erfenis van haar vader kunnen ze er goed van leven, maar al snel blijkt dat Ramiro een schoft is. Hij laat Sira in de steek en gaat ervandoor met de juwelen en het geld dat Sira had gekregen. Sira laat hij met alle schulden achter.

Sira moet werk zien te vinden om haar schulden af te betalen, ze moet een plek vinden om te leven en alles weer op orde te krijgen. Ze komt in contact met de smokkelaarster en pensionhoudster Candelaria en met haar hulp weet Sira een naaiatelier op te zetten. 

Veel Europeanen zitten namelijk vast in Marokko, want sinds de burgeroorlog in Spanje is uitgebroken, is de straat van Gibraltar dicht. Maar ze moeten wel allemaal kleren hebben. 

Zo bouwt Sira al snel een respectabele klantenkring op en met behulp van Candelaria en haar excentrieke buurman Felix kan ze haar leven weer opbouwen. De Engelse Rosalinde Fox wordt niet alleen haar cliënte, maar ook haar vriendin. Deze vriendschap brengt haar uiteindelijk in contact met de Engelse geheime dienst, die Sira vragen weer naar Madrid te gaan om daar een naaiatelier te openen voor de vrouwen van de Duitsers en Hongaren en alle anderen die in Madrid zijn, en alle informatie die ze in de paskamer te horen krijgt aan de Engelsen door te geven. Sira gaat akkoord en vertrekt als de Marrokaanse ‘Arish’ weer naar Madrid, maar ze weet nog niet wie ze daar weer zal ontmoeten en welke wending het lot zal nemen.

Het geluid van de nacht’ (vreemde titel, eigenlijk) van María Dueñas is een spannend en goed geschreven boek dat lees als een trein. Wat onderwerp en wat stijl betreft deed het me denken aan ‘de macht van een vrouw’ van Barbara Taylor Bradford, alleen is dit boek duidelijk meer literair. De voorkant is in dezelfde stijl van als de boeken van Ruiz Zafon en laat ook daarmee zien dat dit boek in de hoek van de Spaanse literatuur zit.

Er komt genoeg politieke uitleg in voor om het voor iedereen die niet op de hoogte is van de situatie in Spanje in de jaren dertig duidelijk te maken, maar voor degenen die dat totaal niet interessant vinden is het denk ik niet storend. Kleurrijke figuren, spannende momenten en een exotische locatie in een turbulente tijd maken van ‘Het geluid van de nacht’ een roman die ik met heel veel plezier heb gelezen en die ik anderen van harte kan aanbevelen.

Met dank aan Joke bij Boekhappen , waar ik over dit boek las en het me ontzettend aansprak.

woensdag 29 augustus 2012

De SGP en de 19e eeuw


Ik ben persoonlijk nogal dol op de 19e eeuw. Een eeuw met allerlei nieuwe mogelijkheden, uitvindingen en ontwikkelingen en niet te vergeten, geweldige mode. Wat mij betreft zou er wel iets meer van 19e eeuw in deze lelijke 21e eeuw terug mogen komen.
Maar op het moment dat 19e eeuwse ideeën de intrede doen in 2012, wordt het een ander verhaal. 

Van rare Amerikaanse republikeinen uit de rechtervleugel van die partij kun je nu eenmaal niets anders verwachten, ik geloof dat daar nog nooit één zinnig woord uit is gekomen. Maar op het moment dat de voorman van de SGP die onzinnige ideeën herhaalt, wordt het een beetje te gek. Ik wilde er eigenlijk geen aandacht aan besteden, maar ik doe het toch.

Ik wil het hier nu niet hebben over het recht op abortus. Mensen kunnen verschillend denken over het recht op abortus, de redenen om een abortus te willen of de wettelijke termijn waarbinnen een abortus nog mogelijk is. Iedereen heeft daar een mening over, ik ook, maar daar gaat het nu niet over.

Het idee dat vrouwen na een verkrachting niet zwanger kunnen worden, komt grotendeels uit de 19e eeuw. In de 19e eeuw dacht een groot deel van de medische wetenschap dat een orgasme noodzakelijk was voor het slagen van de conceptie. Tijdens een orgasme kwamen er bepaalde stoffen vrij, die een conceptie mogelijk maakten. Tijdens een verkrachting is er geen orgasme bij de vrouw, dus geen conceptie mogelijk. Komt er na een verkrachting wel een zwangerschap, dan was het idee dat het misschien dan wel helemaal geen verkrachting was geweest. Er was tenslotte een orgasme geweest, de dikke buik was het bewijs.
Ik neem tenminste aan dat het ‘mechanisme in het vrouwelijk lichaam’ waar Todd Atkin en Kees van der Staaij het over hebben, een variant is op dit idee.

Kijk, dat niet uit elke verkrachting een zwangerschap voortkomt, is vooral te danken aan de biologie. En dan niet een of ander raar mechanisme dat het vrouwenlichaam in werking kan stellen om wel of niet een zwangerschap door te laten gaan, maar heel simpel, een vrouw is niet alle dagen van de maand vruchtbaar. En de kans dat je net in de dagen rond je eisprong verkracht wordt, is nu eenmaal kleiner dan dat je op een van de andere dagen in de maand verkracht wordt, om de doodsimpele reden dat dat nu eenmaal minder dagen zijn. (dat beetje kansberekening heb ik nog onthouden van wiskunde) Maar dit geldt ook voor een conceptie na gewone seks, dus daar is geen verschil in.

Het schijnt dat de heren hun ideeën ook baseren op een achterhaald onderzoek uit Amerika uit de jaren ’80, dat ondertussen vele malen over is gedaan met nieuwe resultaten. Uit het eerste onderzoek bleek dat slechts 0.5% van de verkrachte vrouwen zwanger werd, uit nieuwe onderzoeken blijkt dat rond de 6% van de vrouwen na een verkrachting zwanger wordt. En zoals ik gisteren hoorde is de kans op een zwangerschap na een verkrachting zelfs iets groter, omdat de meeste vrouwen die verkracht worden vaak jonger zijn dan de gemiddelde vrouw die aan kinderen wil beginnen, en dus vruchtbaarder.

Dat je als ideologische/levensbeschouwelijke partij je standpunten ideologisch onderbouwt met theologische of filosofische argumenten, daar heb ik geen problemen mee. Dat je echter je standpunten onderbouwt met achterhaalde 19e eeuwse medische argumenten en onderzoeken, daar heb ik wel moeite mee.

Nu zijn de mannenbroeders van de SGP toch al niet helemaal bij de tijd, gezien hun opvattingen over eigenlijk zo’n beetje alles en iedereen die niet bij de SGP hoort. En hun aanhang zal met deze domme uitspraken die nu gedaan zijn ook niet echt dalen of toenemen. De partij heeft een vaste aanhang die altijd stemt, vandaar dat de partij altijd zo’n 2 of 3 zetels krijgt (hangt een beetje af van de kiesdeler). Ik denk ook niet dat mijn blog onder de favorieten van Kees van der Staaij staat en dat hij na het lezen van dit stukje zijn mening aanpast (het zou leuk zijn, maar het zou me verbazen).
Maar ik wilde het toch even gezegd hebben.

dinsdag 28 augustus 2012

De nieuwe Carlos Ruiz Zafon

Eindelijk, lang verwacht en nu eindelijk binnen. Het nieuwe boek van Carlos Ruiz Zafon is vandaag binnengekomen en net door mij opgehaald van de boekhandel. Leuk vond ik dat ik nog nergens naar gevraagd had, maar dat de eigenaar op het moment dat ik binnenstapte mijn gereserveerde exemplaar ging halen.
'De gevangene van de hemel' is de opvolger van 'De schaduw van de wind' en 'Het spel van de Engel'. Het boek is niet zo dik als de vorige twee, maar heeft eenzelfde mooie voorkant.
Op de een of andere manier heb ik nu een aantal boeken van Spaanse schrijvers, dus die heb ik keurig bij elkaar staan in de kast, dan voelen ze zich een beetje thuis.
De 'Spaanse afdeling' in mijn boekenkast.

maandag 27 augustus 2012

Pompeii, Mary Beard

Pompeii is, zo zou je kunnen zeggen, de meest Romeinse stad. Dat komt omdat in 79 de vulkaan de Vesuvius uitbarstte en de stad onder een dikke laag werd bedolven, zodat de restanten voor ons nog goed zichtbaar zijn. 

Sinds het midden van de 18e eeuw is men begonnen met het opgraven van de resten en dat proces gaat door tot op de dag van vandaag. Aan de hand van de bevindingen zijn er allerlei theorieën gevormd over hoe de mensen in de Romeinse tijd leefden, wat ze deden, hoe hun huizen eruit zagen etc.

Mary Beard is professor in de klassieken in Cambridge, bekend door haar vele boeken, de televisieprogramma’s die ze maakt en haar blog, waarop ze wekelijks op een voor haar kenmerkende manier vertelt over haar leven in Cambridge, de oudheid, en commentaar geeft op de moderne wereld.

Mary Beard heeft het boek ‘Pompeii. Het dagelijks leven in een Romeinse stad’ geschreven. En dit is een fascinerend verhaal geworden. Mary Beard beheerst de kunst om net zo te schrijven als ze spreekt, en dit zorgt ervoor dat het geen droog geheel wordt met een opsomming van feiten, maar juist grappig, leesbaar en onderhoudend.

Ze weet een groot aantal van de mythes die aan Pompeii en daarmee aan de Romeinse wereld kleven te ontzenuwen. 

Zo konden veel inwoners van Pompeii de stad ontvluchten. Natuurlijk hadden ze door dat er iets ging gebeuren, de vele aardschokken in de dagen ervoor en de rook uit de vulkaan gaven daarvoor genoeg aanwijzingen. Daarom hebben we ook maar resten van zo’n 400 inwoners gevonden, terwijl er zo’n 12.000 mensen woonden.


Een andere mythe gaat over de vrouw die gevonden is, samen met een gladiator. Vroeger dacht men dat dit het bewijs was dat rijke vrouwen in die tijd regelmatig een avontuurtje hadden met één van de sterke kerels van de vechtring, maar ze vergaten daarbij dat in diezelfde kamer nog zeventien andere lijken en een paar honden gevonden waren. Niet echt de plek voor een rendez-vous, maar juist een aanwijzing dat de vrouw, samen met anderen, tijdens de vlucht uit de stad in de gladiatorenverblijven een goede schuilplek had gezocht en daarom daar gevonden is.  

Ook waren er geen 75 bordelen in Pompeii. Deze aanname komt van de vroegere historici en archeologen, die elk huis met een erotische afbeelding als bordeel bestempelden.

Aan de hand van voorbeelden, anekdotes en feiten vertelt Mary Beard over de eetgewoontes, de huizen en hoe ze eruit zagen, de rol van mannen, vrouwen en slaven in Pompeii. Ze vertelt over de gladiatoren, de handelaars en de politici. Aan het einde van het boek heb je het idee dat de verstilde stad Pompeii en haar onfortuinlijke inwoners dichterbij zijn gekomen, gescheiden van ons door de tijd en andere gebruiken, maar ook in heel veel opzichten zo ontzettend op ons lijkend.

zondag 26 augustus 2012

Byron Katie

Het is niet jouw taak om mij aardig te vinden, dat is mijn taak.
Foto door mij gemaakt, Rome 2012

Byron Katie, citaat gevonden in yoga magzine nr 3 2012, blz 10.

zaterdag 25 augustus 2012

Nieuwe muziek

Soms hoor je een liedje op de radio dat je meteen pakt, dat in je hoofd blijft hangen. Ik heb de afgelopen tijd twee cd’s gekocht op basis van één nummer dat ik van die band had gehoord. Dat is eerlijk gezegd niet altijd een goede manier om cd’s te kopen, want het kan enorm tegen vallen, maar in deze beide gevallen heeft het goed uitgepakt.

Tot nu toe was ik geen fan van Train. Het nummer ‘Tears of Jupiter’ vond en vind ik nog altijd een vervelend liedje. Maar mijn menig over de band veranderde toen ik de laatste tijd een paar keer het nummer ‘Drive by’ hoorde. Ik heb dus op goed geluk de cd ‘California 37’ gekocht en dat heeft goed uitgepakt. Ik vind het namelijk een geweldige cd. Vrolijk en zomers zoals het nummer ’50 ways to say goodbye’ (met het mariachi-orkestje), maar ook vol mooie melodieën zoals ‘Feels good at First’ en ‘Bruises’ en erg leuke tekstvondsten zoals in ‘Mermaid’. Kortom, Train is leuk en ik houd ze zeker in de gaten voor de volgende cd.

De andere cd die ik heb gekocht is ‘My head is an animal’ van de IJslandse band ‘Of monsters and men’. Het nummer ‘little talks’ maakt me vrolijk elke keer als ik het hoor. En nu heb ik dus de cd, met het mooie ‘Dirty paws’, ‘Yellow light’, ‘Mountain sound’ en ‘King and Lionheart’.
De stemmen van zangeres Nanna Bryndís Hilmarsdóttir, en zanger Ragnar “Raggi” Þórhallsson passen wonderwel bij elkaar. Als je deze muziek hoort, zie je bijna het IJslandse landschap voor je, vol oude goden en sagen. Een prachtige verrassing.

vrijdag 24 augustus 2012

Soorten yoga

Het is bijna weer september en overal beginnen weer cursussen en opleidingen. Voor de mensen die er misschien over denken een yogales te volgen of zich in te schrijven bij een yogastudio, kan het aanbod enorm overweldigend zijn. Er zijn zoveel mogelijkheden in soorten yoga, soorten lessen en docenten dat ik me goed kan voorstellen dat veel mensen door de matten de yoga niet meer zien.

Als je met yoga wilt beginnen, kies je meestal eerst de vorm van yoga die je wilt beoefenen en dan zoek je daarin een docent.
Welke vormen zijn er? De meeste yogavormen hier in het westen zijn vormen van Hatha yoga, waar de nadruk ligt op de houdingen, de asanas. Hieronder een kort en zeker niet volledig overzicht van de soorten hathayoga die er worden aangeboden.

-        Kundalini yoga. Hier veel aandacht voor de ademhaling, vooral de zogenaamde ‘vuuradem’. Mensen die deze vorm van yoga beoefenen zijn vaak tijdens de les in het wit gekleed. Mantra’s vormen een belangrijk deel van de les.

-        Iyengar yoga. Hier wordt veel aandacht besteed aan de correcte manier om een asana uit te voeren, om op die manier blessures oid te voorkomen. Er wordt daarom veel gebruik gemaakt van de hulpmiddelen zoals blokken en riemen en kussens. Houdingen worden vaak een minuut of iets langer aangehouden en de docent corrigeert houdingen die niet goed zijn. Vaak zijn er lessen voor beginners en gevorderden.

-        Bikram yoga.  Hier wordt een vaste serie van 26 asanas gedaan in een ruimte die ongeveer 40 graden Celsius is.

-        Vinyassa/ ashtanga. Een energieke vorm van yoga, waarbij een serie asanas wordt gedaan (of meerdere series) en het belangrijk is die vloeiend in elkaar over te laten gaan. Je ademhaling speelt daarbij een grote rol.

-        Yin yoga. Asana’s worden enkele minuten lang aangehouden, en in sommige gevallen wel tot twintig minuten.

Er zijn nog meer soorten yoga en veel docenten kunnen verschillende vormen door elkaar gebruiken. Het meest verstandige wat je kunt doen is je goed oriënteren op de richting die je zou willen doen en dan kijken of er een docent in de buurt zit.
Maar als je dan de vorm hebt gevonden die je graag wilt beoefenen, hoe kies je dan een docent of yogastudio uit?

-        Kijk of er een website is en of die je aanspreekt. Niet omdat alleen goede yogadocenten een website hebben, maar omdat dit gewoon de gemakkelijkste eerste kennismaking is.

-        Kijk welke opleiding(en) de docent heeft gevolgd.

-        Moet je per maand of per les betalen en hoe lang duurt een les ongeveer? Je wilt het natuurlijk niet van geld laten afhangen, maar het is nu eenmaal niet onbelangrijk.

-        Hoe groot is de groep waaraan les gegeven wordt? Is het een kleine groep van ongeveer 10 mensen, of kunnen er zelfs meer dan 30 in de groep? Waar voel jij je nog prettig bij?

En hoe maak je dan je definitieve keuze? Vraag of het mogelijk is een proefles te volgen. Bij de meeste yogadocenten zal dat geen probleem zijn en dan pas kun je echt merken of deze vorm van yoga bij deze docent voor jou geschikt is.
Veel plezier op de mat!

Ik weet niet meer waar ik de afbeelding vandaan heb gehaald, want ik kan dat niet terugvinden. Ik heb er geen recht op, dus laat het me maar weten als ik het weg moet halen.

donderdag 23 augustus 2012

Fantoomliefde, Aminatta Forna

Sierra Leone was een kolonie van Engeland en is in 1961 onafhankelijk geworden. Vanaf die tijd is het politiek onrustig geweest met verschillende partijen die om de macht streden en een militaire staatsgreep in de jaren ’60. 

Tussen 1991 en 1999 woedde er een burgeroorlog die het land heeft verscheurd. Negenennegentig procent van de bevolking heeft last van Post Traumatisch Stress Syndroom, maar wat bij ons een stoornis heet, is daar het leven. Je valt en je staat weer op, dat is het motto. Je moet wel, want iedereen heeft verschrikkelijke dingen meegemaakt.

De Engelse psychiater Adrian Lockheart is naar Sierra Leone gekomen om te helpen. Helaas schiet dat dus niet zo op. In de eerste instantie is zijn enige patiënt Elias Cole. Een oude man die op sterven ligt en Adrian het verhaal vertelt van hoe zijn toen hij jong was verliefd werd op Saffia, de vrouw van zijn collega Julius. 

Langzamerhand maakt Adrian vrienden, met de chirurg Kai, en de Roemeense arts Ileana die in het psychiatrisch ziekenhuis werkt waar Adrian steeds meer met de patiënten mag werken. 

Eén van de patiënten is Agnes, een vrouw die regelmatig in een staat van verwarring van huis wegloopt en dan een tijdje later ergens weer opduikt. Deze staat van verwarring en je daadwerkelijks niets kunnen herinneren is in West Europa ook bekend. In de jaren na de Eerste Wereldoorlog bleek dat veel soldaten die uit de loopgraven terugkwamen hun verschrikkelijke ervaringen niet konden verwerken en regelmatig kwam het voor dat zij niet meer wisten wie ze waren en gingen zwerven. In Sierra Leone komt dit dus niet (alleen) voor bij de soldaten, maar bij de burgerbevolking en vooral de vrouwen.

Kai is chirurg, maar zijn nachtmerries en slaapproblemen zorgen ervoor dat hij bijna niet kan functioneren. Zijn beste vriend is naar Amerika toegegaan en Kai denkt erover om naar hem toe te gaan, om Sierra Leone en alle herinneringen aan de oorlog en aan de vrouw van wie hij hield achter zich te laten. Hoewel hij zijn patiënten en het neefje voor wie hij heel belangrijk is niet zomaar in de steek wil laten, voelt hij dat hij de moed niet meer kan opbrengen om te blijven.

Adrian boekt kleine successen in de kliniek en in zijn gesprekken met Elias wordt ook steeds meer duidelijker. Adrian ontmoet Mamakay, zoals blijkt de dochter van Elias en hij wordt verliefd. Adrian wil zelfs zijn huwelijk in Engeland, dat toch al niet echt denderend meer was, beeindigen om met Mamakay in Sierra Leone een bestaan op te bouwen. En dan blijken alle mensen die Adrian heeft leren kennen met elkaar verbonden te zijn.

Als een geamputeerde pijn voelt aan de ledemaat die er niet meer is, dan heet dat fantoompijn. Fantoomliefde is de liefde die je voelt voor iemand die er niet meer is, een herinnering aan de liefde die er eens was.

Fantoomliefde’ (Engelse titel: ‘A memory of love’) is een boek dat in eerste instantie langzaam op gang komt. Elias Cole beschrijft hoe hij verliefd werd op Saffia en wat er gebeurd met Julius, die kritisch stond tegenover het bewind. Dit is vrij gedetailleerd en op dat moment zie je nog niet wat het nut is van sommige details die verteld worden. Ik vond Adrian weliswaar vol goede bedoelingen, maar ook naïef. Kai noemt hem op een gegeven moment een toerist, en dat is Adrian eigenlijk ook, net zoals de andere hulpverleners uit het westen die het wel even allemaal komen regelen. Pas als hij de weg eindelijk weet in de stad en verliefd wordt op Mamakay en Sierra Leone als een thuis beschouwt is dat voor Adrian niet meer van toepassing. Hij is dan geen toerist meer.

Ik vind het knap hoe Aminatta Forna weet duidelijk te maken hoe verschrikkelijk de burgeroorlog is geweest en hoeveel effecten dat heeft op de mensen in het land. Zonder dat ze daarbij constant in allerlei gruwelijke details vervalt. 

De verhalen van Agnes, Kai, Saffia, Julius en Elias laten zien wat een mens doet en moet doen om oorlog en onderdrukking te overleven. En wat dat proces een mens kost, of je nu een held was, een lafaard of probeerde te overleven.

Fantoomliefde’ is een verhaal van drie verloren liefdes, Elias, Adrian en Kai hebben allemaal een vrouw om wie ze rouwen, een liefde die is geweest. Het einde is verschrikkelijk, mijn hart brak. Niet zozeer voor Adrian maar vooral voor Kai, die tenslotte al zoveel had verloren.

De epiloog die 2 jaar later speelt in 2003 geeft weer hoop, en hoop is wat een land nodig heeft om de puinhopen en de verschrikkingen van een burgeroorlog te boven te komen.

Aminatta Forna heeft met ‘Fantoomliefde’ een prachtig boek geschreven, waarvan de mensen en hun verhalen nog lang in mijn gedachten bleven.

Originele titel: The memory of love
Uitgegeven in 2010
Nederlandse uitgave 2011 door Uitgeverij Nieuw Amsterdam
Nederlandse vertaling: Aleid van Eeken-Benders en Marijke Versluys
Bladzijdes: 573

dinsdag 21 augustus 2012

In memoriam: Silvia Seidel (1969-2012)

Zondagavond jl. kwam ik achter het trieste nieuws dat begin deze maand Silvia Seidel is overleden.
'Anna' uit 1986
Eind jaren ’80 zat ik aan de buis gekluisterd als de Duitse serie ‘Anna’ werd uitgezonden. Een serie waarin Silvia Seidel de jonge ballerina Anna speelde die eerst bij een ongeluk verlamd raakte en met behulp van haar vriend Rainer (de geweldige Patrick Bach) er weer bovenop komt en een schitterende carrière als danseres tegemoet gaat.

Er is nog een film als vervolg gemaakt en er zijn drie boeken over verschenen. Door het succes van de serie en de film en vooral van Silvia Seidel werden in Duitsland de balletscholen overspoeld met meisjes die ook ballerina wilden worden. Silvia Seidel was immens populair en ze kreeg verschillende prijzen voor haar werk.

In de jaren erna ging het minder goed. In 1992 pleegde haar ernstig depressieve moeder zelfmoord. Silvia Seidel speelde daarna nog kleine rollen in series en films, speelde op het toneel, maar altijd werd ze vergeleken met ‘Anna’. Ze heeft zelf wel eens gezegd dat ze de rest van haar leven bezig is geweest om los te komen van die rol. Nieuw werk krijgen was lastig en soms kon ze bijna niet rondkomen of de huur betalen.

Vier augustus jl is ze gevonden in de keuken van haar woning in München, men vermoedt dat ze zelfmoord heeft gepleegd.
Ze is slechts 42 jaar geworden.
Silvia Seidel 1969-2012

maandag 20 augustus 2012

Het familieportret, Jenna Blum

Dit boek heb ik vaak in de boekhandel zien liggen, maar ik twijfelde altijd of ik het wel zou kopen. Gelukkig mocht ik het van vriendin M. lenen en ik kan zeggen dat ik ‘Het familieportret’ mooier vond dan ik van te voren had verwacht.

Het boek begint als de vader van Trudy, Jack sterft. Trudy heeft een moeizame verhouding met haar moeder, Anna. Anna komt uit Duitsland, maar heeft tegenover Trudy altijd geweigerd om te vertellen wat er tijdens de oorlog is gebeurd en vooral, wie die man is op het portret dat Trudy heeft gevonden. Een portret van Anna, Trudy als klein kind en een nazi-officier. Trudy heeft het vermoeden dat deze man haar vader is, maar haar moeder weigert er ook maar één woord over te zeggen.

Trudy geeft nu les op de universiteit in Duitse geschiedenis en zet een project op om van Duitsers te horen hoe zij de oorlog hebben beleefd.

Naast de verhaallijn van Trudy in het heden, hebben we het verhaal van de jonge Anna, die opgroeit in Weimar en bij het uitbreken van de oorlog verliefd wordt op Max, een Joodse arts. Max wordt opgepakt en Anna raakt bij het verzet betrokken. 

Vanuit het nabijgelegen kamp Buchenwald wordt informatie gesmokkeld naar de buitenwereld. De tweede commandant van Buchenwald, een obersturmfuhrer, laat vervolgens zijn oog op Anna vallen en in de jaren die volgen moet Anna zien te overleven met aan de ene kant een kind dat ze moet beschermen en aan de andere kant een volstrekt onvoorspelbare man. Ze moet een manier zien te vinden om zichzelf niet helemaal kwijt te raken, maar dat wordt steeds moeilijker.

Het familieportret’ van Jenna Blum verweeft deze twee verhaallijnen op een mooie manier, je komt steeds beter te weten waarom de Anna van nu is geworden wie ze is, en ook welke effecten de oorlog en de daaruit voortvloeiende trauma’s op de volgende generaties heeft. 

De vraag is waarom Anna volkomen weigert om ook maar één woord te zeggen over de situatie tijdens de oorlog. Ze geeft geen uitleg als haar dochter denkt dat een nazi-officier haar vader is, en op het einde, als de werkelijke situatie duidelijk wordt, geeft ze nog altijd niets toe. 

Ik las in één recensie dat iemand het gooide op Stockholmsyndroom, waarbij iemand sympathie krijgt voor de eigen gijzelnemer. Anna zou in die theorie de obersturmfuhrer willen beschermen. Het lijkt mij echter dat Anna zich zo schaamt voor wat ze heeft gedaan tijdens de oorlog en wat het haar heeft gekost om te overleven en haar kind te beschermen, dat ze daar niet meer aan wil denken, zich er volledig voor afsluit. Zelfs de rehabilitatie die ze op het einde kan krijgen wil ze niet, omdat ze zich teveel schaamt. Tenminste, dat is mijn theorie. 

De interviews die Trudy met overlevenden van de oorlog heeft, geven er nog een extra dimensie aan.

Ik heb het boek met plezier gelezen, dus bedankt M.!

zondag 19 augustus 2012

Robert Browning (1812-1889)

Mijn zon gaat onder om weer op te komen.
Bloemen op het Forum Romanum,
foto door mij gemaakt, Rome 2012

(Robert Browning, toneelschrijver en dichter)

zaterdag 18 augustus 2012

Hittegolf

Het was al warm deze afgelopen dagen, maar het wordt nog warmer dit weekend. Tropische temperaturen, het warmste weekend in jaren, allerlei termen worden er gebruikt. Nu heb ik in Rome met temperaturen van boven de 35 allerlei dingen gedaan, dus ik maak me niet al te druk, maar ik moet wel rekening houden met het feit dat warmte hier in Nederland over het algemeen een andere hitte is, benauwd en drukkend.
Veel water drinken (kan met water staat al in de koelkast), ventilator staat in de woonkamer (gisteren uit de berging gehaald) en ik ga zometeen de boodschappen doen, zodat ik er niet meer uit hoef.
Voor de poezen is de warmte ook lastig. Silvia ligt over het algemeen op het balkon in de zon, maar zoekt in dit geval ook de schaduw op en Corrado maakt zich steeds langer en uitgestrekter. Helaas kunnen zij hun bontjasjes niet uitdoen, maar ze houden zich wel heel rustig.
Corrado uitgestrekt op de leuning van de stoel
Silvia uitgestrekt op het balkon, met nog wat schaduw

vrijdag 17 augustus 2012

Oude moorden

In 1876 werd in Engeland de advocaat Charles Bravo vergiftigd, in 1902 werd het dienstmeisje Rose Harsent neergestoken, in 1909 werd zakenman George Harry Storrs vermoord, in 1929 werden drie leden van dezelfde familie vergiftigd en in 1941 werd in Kenia een Engelse graaf neergeschoten.
Deze zaken hebben met elkaar gemeen dat ze allemaal onopgelost zijn. Er is in veel gevallen wel een rechtszaak geweest, maar er is nooit iemand met overtuigend bewijs veroordeeld voor deze moorden. Ook hebben ze gemeen dat Claudia en ik deze moorden interessant vinden.

Claudia is een goede vriendin en vorige week was ik bij haar. En zoals bijna altijd kregen we het over verschillende moorden. Dat klinkt misschien een beetje vreemd, maar wij vinden moord vrij interessant. En dan heb ik het niet over allerlei moorden van tegenwoordig, die vooral onsmakelijk en onaangenaam zijn, maar over oude moorden, van voor 1950. (zoals Claudia fijntjes opmerkte, toen waren de moordenaars in ieder geval beter gekleed) Claudia en ik kunnen met gemak een hele middag vullen met praten over de theorieën wie nu Jack the Ripper was, en of mevrouw Thompson in 1922 nu ook schuldig was aan de moord op haar echtgenoot en waar Crippen nu in de fout was gegaan. Aan het einde van de middag, na de thee en de chocoladecake (waarbij we meestal de grap maken ‘excuse fingers’, iets dat kolonel Armstrong zei toen hij in 1921 iemand een stuk cake met arsenicum gaf), ligt de tafel vol met boeken met allerlei oplossingen en verslagen en zijn wij weer helemaal tevreden.
Stella Gonet in 'The Croydon poisenings'

Deze keer kreeg ik van Claudia een dvd mee, met een vijfdelige serie over onopgeloste zaken. ‘Julian Fowles investigates. A most mysterious murder’. Julian Fowles is een acteur, regisseur en schrijver, die in deze serie deze onopgeloste moorden onderzoekt. In een aflevering van een uur per keer wordt de zaak uitgelegd en nagespeeld, met behulp van excellente Britse acteurs als onder andere Stella Gonet en Jean Marsh. Julian Fowles legt aan ons, de kijkers, uit wat er gebeurd is, duidt de zaken en loopt af en toe door het beeld heen om commentaar te geven. Op het einde probeert hij tot een oplossing te komen, en in alle gevallen vind ik dat een heel plausibele oplossing.
Goed Brits drama, geweldige aankleding, interessante oude moordzaken én een overtuigende oplossing, wat wil een mens nog meer? Ik heb me zeer vermaakt met deze DVD en wil nu meer lezen over deze specifieke oude moorden.


donderdag 16 augustus 2012

Villa Triste, Lucretia Grindle

Het is 1943. Italië is op dat moment in oorlog. De geallieerden zijn geland op Sicilië en vechten zich een weg naar boven, Mussolini is gevangen genomen door de Italianen en er is op dat moment geen echte regering in Italië. De soldaten keren terug naar huis. 

Om te voorkomen dat de geallieerden in één ruk Italië kunnen innemen komen de Duitsers die Italië bezetten en Mussolini opnieuw als leider van Italië installeren. De fascisten die even onder waren gedoken uit angst voor de geallieerden en de communisten, komen nu weer vol triomf terug. 

Vanaf dat moment krijgt ook de Joodse bevolking van Italië het moeilijk, zij worden door de Duitsers vervolgd. 

Het verzet organiseert zich. Partizanengroepen worden gevormd die mensen helpen onderduiken, krijgsgevangenen helpen ontsnappen en sabotagedaden tegen de nazi’s en de fascisten plegen.

Er wordt door de Duitse bezetters en door de fascisten steeds strenger tegen de partizanen opgetreden en hulp aan het verzet wordt streng bestraft. In Florence staat de gevangenis bekend als de ‘villa triste’, het huis van verdriet. Hier komen de gevangen genomen partizanen terecht en de burgers die beschuldigd worden. Marteling en moord zijn hier geen uitzondering.

Caterina en Isabella zijn zussen. Caterina werkt als leerling-verpleegster en is verloofd, Issa studeert aan de universiteit. Ze wonen in Florence met hun ouders. Hun broer, Enrico, is in het leger, net zoals Cati’s verloofde. 

Als na de Duitse inval de Italiaanse soldaten het bevel krijgen om terug te keren naar het leger, deserteren Enrico en zijn vriend Carlo en zij gaan naar de partizanen in de bergen. Isabella gaat met hen mee en al snel zal zij een belangrijke rol voor de partizanen vervullen. Caterina is bang voor wat er kan gebeuren, maar ze laat zich door Isabella overhalen om ook mee te doen, door bij transporten waar vluchtelingen vermomd als gewonden naar veilige gebieden worden gebracht, als verpleegster het nodige overwicht te geven. 

De rol van de familie wordt steeds groter, als er ook soms mensen in de kelder verblijven en als er uiteindelijk van de Amerikanen een radio komt waarmee er geseind moet worden waar de belangrijkste Duitse stellingen zich bevinden. Informatie die nodig is om goed te kunnen bombarderen. 

Deze uitzendingen zijn ontzettend gevaarlijk, omdat de Duitsers kunnen peilen waar ze gehouden worden en de verzetslieden dan op kan pakken. De radio moet dan ook regelmatig verplaatst worden. Vlak voor een grote geallieerde aanval is het plan om in één keer alle cruciale informatie door te geven. Ondanks de goede organisatie loopt het mis. Alle leden van de familie worden opgepakt, met verschrikkelijke consequenties.

In 2006 wordt in Florence politie inspecteur Pallioti bij een moord geroepen. Een oude man is gevonden in zijn appartement, doodgeschoten en zijn mond zit vol zout. Tijdens het onderzoek blijkt dat er nog een oude man in een andere stad op dezelfde manier is neergeschoten. 

Beide mannen blijken oud-partizanen te zijn, die net een medaille wegens betoonde moed hebben gekregen. Zijn de moorden gepleegd door neo-nazi’s die verzetsleden willen straffen? Of hebben de zaken wortels in het verleden? Maar wie zou oud-partizanen willen ombrengen? 

Inspecteur Pallioti komt tijdens zijn onderzoek steeds verder, zeker als hij het dagboek van Caterina vindt, dat zij tijdens de oorlog heeft bijgehouden. Langzaam maar zeker wordt duidelijk wat er tijdens die verschrikkelijke nacht gebeurd is, en welke rol de gebeurtenissen in Villa Triste spelen.

Op de achterflap staat van de uitgever de aanprijzing dat dit een boek is voor de liefhebbers van Donna Leon en Tatiana de Rosnay. Ik snap zoiets echt niet. Donna Leon omdat het over een inspecteur gaat die van lekker eten houdt en een tikje filosofisch is? En Tatiana de Rosnay omdat het over een geheim in de Tweede Wereldoorlog gaat? Ik vind dat niet eens een aanbeveling, ‘haar naam was Sarah’ van Tatiana de Rosnay vond ik geen goed boek en ik ben heel blij dat dit boek er absoluut niet op lijkt.

Lucretia Grindle heeft met ‘Villa Triste’ namelijk een heel mooi en indrukwekkend boek geschreven. Historisch gezien kloppen de feiten, het is duidelijk dat Lucretia Grindle veel onderzoek heeft gedaan naar deze periode in Italië en in Florence. Het taalgebruik is mooi en de beide verhaallijnen lopen perfect in elkaar over. De moordzaak in het heden is spannend en leest als een trein. Inspecteur Pallioti is een sympathieke man, inderdaad een tikje filosofisch  en met humoristische observaties en mededogen. Hoewel gedeeltes van de zaak wel langzaam duidelijk worden was het tot bijna het laatst voor mij niet duidelijk hoe het precies in elkaar zat.

Het gedeelte dat in de oorlog speelt is indrukwekkend. Het is bewonderenswaardig hoe de partizanen bereid waren om hun leven te geven en hun verzetsdaden tegen de nazi’s te plegen. Je kunt niet anders dan heel veel respect voor hen hebben. Maar niet alleen voor de die-hard partizanen, maar ook voor de gewone burgers, die ondanks hun angst probeerden om dat te doen wat ze konden doen. Die beslissingen namen die ze nooit van zichzelf zouden hebben verwacht, omdat ze in situaties terecht kwamen die een gewoon mens zich niet voor kan stellen. 
De verschillen tussen de zussen Caterina en Isabella hierin worden ontzettend mooi en goed weergegeven. Het roept ook onmiddellijk weer de vraag op wat jezelf zou doen in een dergelijke situatie. Wat zou je doen en hoe ver zou je bereid zijn te gaan?

Iedereen hoopt dat hij of zij zo dapper is om daadwerkelijk in het verzet te gaan, maar de kans is groot dat de meesten van ons uit angst (voor onszelf of onze naasten) dat toch niet zouden doen. 

Gelukkig is voor ons de kans klein dat we ooit in een dergelijke situatie terecht komen, en je weet het natuurlijk pas zeker wat je zou doen als de situatie zich voordoet, maar soms is het goed om er toch weer even bij stil te staan. ‘Villa Triste’ laat je hier weer over nadenken.

woensdag 15 augustus 2012

Impressionisten in de Hermitage

In de 19e eeuw moest je als schilder in Frankrijk voldoen aan bepaalde eisen, voor je werken tentoongesteld werden in de Academie. Een jury keurde de werken. Werk voor de Academie moest gedetailleerd en haarscherp zijn en het onderwerp moest mythologisch, historisch of Bijbels zijn. Als je niet in de Academie mocht hangen, betekende dat je geen kopers en dus geen inkomen had. De eisen waren ontzettend streng, werk dat niet voldeed werd afgekeurd en elke vernieuwing werd op deze manier tegengehouden.
Dejeuner sur l'herbe, Edouard Manet

Steeds meer schilders verzetten zich tegen de strenge eisen en de manier waarop ze moesten schilderen. In 1863 ontstond er een enorme rel, bijna de helft van de ingezonden werken werd door de jury van de Academie afgekeurd. 

Keizer Napoleon III moest zich ermee bemoeien en hij gaf de geweigerde schilders een eigen plek om hun werk tentoon te stellen. 

Niet elke schilder die geweigerd was door de Academie wilde exposeren op deze ‘Salon des Refusés’(salon der geweigerden), maar Edouard Manet was een van de schilders die wel exposeerde. Zijn ‘Déjeuner sur l’herbe’ veroorzaakte een schokgolf. Een naakte vrouw die zat te picknicken in het bos? Schande. Bovendien was het geschilderd in een stijl met allerlei vlekjes en veegjes. Dat was toch geen echte schilderkunst?

Impression soleil levant, Claude Monet
Maar de nieuwe schilders vonden het wel mooi en steeds meer begonnen zich tegen de eisen van de Academie te verzetten en te schilderen op de nieuwe manier.
In 1874 werd er voor het eerst een tentoonstelling gehouden van allerlei nieuwe werken. Onder andere Degas, Renoir, Cézanne, Sisley, Pissarro en Monet stuurden schilderijen in. 

Het werk van Monet ‘Impression soleil Levant’ inspireerde een criticus tot een snijdend commentaar, spottend noemde hij alle schilders ‘Impressionisten’, mensen die hun schilderijen niet af maakten. Deze naam bleef hangen, en werd gebruikt als geuzennaam.

Niet de werkelijkheid moest gedetailleerd geschilderd worden, maar de impressie, de vluchtige indruk, omdat alle werkelijkheid veranderlijk is. Langzaam nemen ook andere schilders hun ideeën over en zie je in allerlei werken impressionistische invloeden terug.
Dame au jardin, Claude Monet

Op de tentoonstelling ‘Impressionisme, sensatie & inspiratie’ die in de Hermitage aan de Amstel te bewonderen is, laten ze heel mooi zien hoe de kunst van de schilders was die zich wel aan de eisen van de Academie conformeerden. Deze schilderijen zijn heel knap gemaakt en je ziet het vakmanschap, maar het spreekt niet meer aan. Ze zijn te theatraal, te overdonderend bombastisch, en aan de andere kant ook te glad, te ‘zoet’ zou ik bijna willen zeggen. 

En dan komen de impressionisten, en je ziet heel duidelijk het verschil. De zichtbare penseelstreken, de andere onderwerpen, de vluchtigheid van het moment dat gevangen wordt, maken deze schilderen over het algemeen heel mooi. Ze spreken aan op een manier die de ‘Academiewerken’ niet meer kunnen. De impressionisten spreken tot je hart. Geweldig was het om ‘Dame au jardin’ van Claude Monet in een grote zaal te zien. Het werk kwam prachtig uit en de andere werken in die zaal ook. Het licht van de grote zaal contrasteerde ook met de wat kleinere en donkere kamers waarin het eerder werk tentoongesteld was. Alsof het museum ook op die manier wilde laten zien dat er met de Impressionisten meer licht en lucht in de schilderkunst kwam.

Werken van bijna alle belangrijke impressionistische kunstenaars hangen er, naast de werken van de Academiekunstenaars en kunstenaars die de impressionisten navolgden. Op deze manier geeft de tentoonstelling een goed beeld van de ontwikkeling, de veranderingen en de invloed van het Impressionisme. De tentoonstelling is nog tot 13 januari in de Hermitage aan de Amstel te zien, en vanaf 29 september zullen ook werken van Vincent van Gogh te zien zijn in de andere vleugel van de Hermitage.

dinsdag 14 augustus 2012

Maximiliaan Kolbe (1894-1941)

Maximiliaan Kolbe was een Franciscaner priester, die geboren was in Polen. Hij trad in 1907 in bij de Franciscanen en werd in 1918 priester. Hij studeerde in Rome en kwam uiteindelijk naar Polen terug om daar les te geven aan het seminarie van Krakau. Hij gaf les, schreef stukken en reisde rond in Azië. Later werd hij in Polen gardiaan (=overste) van een Franciscaner klooster.

Toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak en Polen bezet werd door de Duitsers, riep Maximiliaan Kolbe de mensen op om tegen de nazi’s te blijven strijden. Ook ving hij veel vluchtelingen, waaronder veel Joden, op in het klooster en in de stad die hij had gesticht. Via de radio en door het drukken van kranten ging hij in verzet tegen de Duitsers.

In 1941 werd Kolbe opgepakt en naar Auschwitz gestuurd. Een aantal mannen probeerden op een gegeven moment te ontsnappen. Als represaillemaatregel werden tien mannen veroordeeld tot de hongerdood in een bunker. Een van de tien mannen was een vader van vier kinderen en Maximiliaan Kolbe bood aan om zijn plaats in de bunker in te nemen. Toen de kampbewaker vroeg wie hij dan wel was, zei Kolbe alleen ‘Een katholiek priester’.

Op 31 juli werden de tien opgesloten. Van overlevenden weten we dat Maximiliaan Kolbe de moed er bij zijn medegevangen inhield door te bidden en door te zingen, dit was buiten de bunker te horen. Op 14 augustus waren er nog vier mannen in leven, waaronder Maximiliaan Kolbe. Deze vier werden uiteindelijk met een dodelijke injectie ter dood gebracht. De dag erna zijn ze gecremeerd.

In 1982 is Maximiliaan Maria Kolbe door paus Johannes Paulus II heilig verklaard. Frans Gajowniczek, de man wiens leven Maximiliaan Kolbe heeft gered, was bij die plechtigheid aanwezig.

maandag 13 augustus 2012

A dangerous inheritance, Alison Weir

In 1483 sterft Edward IV van Engeland onverwacht, en laat zijn jonge zoon Edward achter om de nieuwe koning te worden. Edward V is nog maar een kind en kan niet alleen regeren. Zijn oom Richard, hertog van York is van plan zelf koning te worden.

Richard is een goede hertog in het noorden en geliefd in York, maar dat is voor hem niet genoeg. Eerst weet hij de andere familieleden van de jongen van moederskant buiten spel te zetten (door een aantal te laten onthoofden op beschuldiging van verraad) 

Dan probeert hij de claim van Edward V te ontkrachten door eerst te beweren dat Edward IV een bastaard was. Een bastaard kan geen koning zijn en als Edward IV al een bastaard was, was zijn koningschap niet geldig en kan zijn zoon niet opvolgen. 

Dat Richard voor deze bewering zijn eigen moeder van overspel moet beschuldigen is geen enkel bezwaar. Als dat echter niet lukt, komt hij met het argument dat het huwelijk van Edward IV met Elizabeth Wydeville niet geldig was en dat Edward V dus zelf een bastaard is. 

De voorbereidingen voor de kroning gaan door, alleen wordt Richard gekroond tot koning en niet Edward V. Edward en zijn jongere broertje Richard die in de Tower verblijven, blijven een bedreiging vormen voor koning Richard III. Er zijn mensen die vinden dat zij nu eenmaal de wettige erfgenamen van de troon zijn. 

En dan beginnen de geruchten, want de beide jongens worden niet meer gezien in de Tower, en niemand weet waar ze zijn. Al snel is de publieke opinie het eens; Richard heeft zijn beide neefjes laten vermoorden. Richard had dit heel gemakkelijk kunnen ontzenuwen door de beide jongens aan het volk te tonen, levend en gezond, maar gebeurt niet.

Een andere pretendent voor de troon, Hendrik Tudor, verslaat in 1485 Richard III bij Bosworth. Hendrik trouwt met Elizabeth, de dochter van Edward IV, om op die manier zijn claim nog sterker te maken. Vanaf dat moment zijn de Tudors in Engeland aan de macht.

In 1553 wordt er een verbond gesmeed tussen een aantal grote families in Engeland. Wat moet er namelijk gebeuren als de koning, de jonge en zeer zieke Edward VI, zoon van Hendrik VIII,1 sterft? Zijn nichtje Jane Grey (kleindochter van een van de zusters van Hendrik VIII) wordt door velen gezien als de beste opvolgster.

Engeland is namelijk ondertussen verdeeld geraakt tussen protestant en katholiek. Hendrik VIII had zich afgescheiden van Rome om zijn scheiding erdoor te kunnen drukken, maar had van veel andere hervormingen niet veel moeten hebben. Edward VI heeft van Engeland een echt protestants land gemaakt, maar de angst is dat alles vergeefs is als Edward’s katholieke halfzuster Mary op de troon komt.

En zo geschiedde: als Edward sterft, wordt Jane uitgeroepen tot koningin. Helaas wil het volk er niets van weten, zij willen de rechtmatige erfgenaam Mary op de troon. Jane’s regeringsperiode duurt maar 9 dagen en daarna is het land definitief voor Mary. Jane en een aantal medesamenzweerders worden gevangen genomen in de Tower en uiteindelijk wordt Jane Grey onthoofd.

Deze beide verhalen worden in ‘A dangerous inheritance’ verteld uit het oogpunt van twee vrouwen die er dicht bij stonden, Katherine Plantagenet, de onechte dochter van Richard III en Katherine Grey, de jongere zus van Jane.

Kate Plantagenet kent haar vader als een liefhebbende en goede man en ze wil de steeds sterker wordende geruchten dat haar vader een moordenaar en een usurpeer is niet geloven. Ze is verliefd op haar neef, John de la Pole, maar moet trouwen met een ander.

Katherine Grey trouwde op dezelfde dag als haar zusje Jane met Henry, Lord Herbert. Maar al snel blijkt dat zijn ouders de gebeurtenissen afwachten. Als de troonovername door Jane mislukt, wordt het huwelijk snel ontbonden en wil de familie niets meer met Katherine en de Greys te maken hebben. 

Katherine maakt mee hoe haar zus en haar vader hun hoofden op het blok verliezen en moet aan het hof van Mary en van Elizabeth zien te overleven. Dat is nog niet gemakkelijk, want door velen wordt Katherine als de juiste erfgenaam gezien en dat voelt vooral voor Elizabeth als een bedreiging. Intriges genoeg, maar dan doet Katherine het ondenkbare, ze trouwt zonder toestemming van de koningin met Edward Seymour. 

Elizabeth, die zelf geen erfgenaam heeft, voelt dit helemaal als een bedreiging en laat beide echtelieden opsluiten in de Tower. Hier zullen hun twee kinderen geboren worden die tot Elizabeth’s dood als bastaarden beschouwd werden. Na een paar jaar worden Katherine en Edward elk apart in een huis gevangen gezet, ze zullen elkaar nooit meer zien.  Uiteindelijk zal Katherine sterven voor ze dertig is, waarschijnlijk aan tuberculose.

Over Katherine Plantagenet is weinig bekend, over Katherine Grey iets meer. Alison Weir kennen we van excellente biografieën over Elizabeth I, Hendrik VIII, de vrouwen van Hendrik VIII, de opvolgers en nog een aantal andere boeken, onder andere over ‘The princes in the Tower’. 

Naast die historisch verantwoorde biografieën schrijft ze ook historische romans, waar ze keurig aangeeft in een verantwoording wat feiten zijn en wat fictie is. Ook als ze is afgeweken van de bekende feiten geeft ze dit precies aan. 

In ‘A dangerous inheritance’ weet Alison Weir de twee lijnen van de twee Kate’s zo te verweven, dat er een prachtig verhaal ontstaat waarin je meevoelt met Katherine Plantagenet en Katherine Grey en de wereld en de tijd waarin zij beiden leefden werkelijkheid voor je worden. 

Het resultaat is een historische roman met inhoud, die ontzettend lekker leest en waarbij je erop kunt vertrouwen dat er geen rare sprongen met de feiten zijn gemaakt.

zondag 12 augustus 2012

Alexei Nicolaevich Romanov

Ter herinnering aan de geboortedag van de tsarevich Alexei van Rusland, die op 12 augustus 1904 geboren werd, maar samen met zijn familie werd vermoord door de Bolsjewieken in 1918.

zaterdag 11 augustus 2012

Meeleven met de Olympische Spelen

Ik ben niet ’s werelds meest sportieve persoon, om het voorzichtig uit te drukken. En over het algemeen weet ik me aardig van allerlei sportieve gebeurtenissen vrij te houden. Wimbledon, de Tour, het zoveelste voetbal gebeuren, ik vang af en toe een glimp op, weet net genoeg namen om niet helemaal net onder een steen vandaan lijken te komen maar dat is het.

Ik bezag in eerste instantie de Olympische Spelen met enige irritatie en vooral enig cynisme. Bij elke goede prestatie dacht ik ‘Hoeveel doping zou daar gebruikt zijn?’ Door de berichten de laatste tijden over de doping in de Tour, of de berichten over atleten die doping gebruiken, begin je aan mensen en vooral dus aan sporters te twijfelen. Nu schijnen ze bij de Spelen alle medaillewinnaars te controleren, plus nog vijf willekeurige sporters per wedstrijd, dus ik neem aan dat ze doping gebruik er wel uithalen en dat scheelt weer een beetje in mijn vertrouwen in de mens in het algemeen en sporters in het bijzonder. (hoewel het natuurlijk te erg voor woorden is dat deze maatregelen blijkbaar nodig zijn)
Na de prestaties deze zomer van andere sporters, zoals de voetballers of de wielrenners, had ik ook eerlijk gezegd niet zoveel vertrouwen in wat Nederland zou kunnen bereiken.

Maar naarmate de Olympische Spelen vorderden, heb ik het steeds meer gevolgd. Natuurlijk verbaas ik me soms. Synchroonzwemmen is mij nog altijd een raadsel, snap ik niet waarom crossfietsen een Olympische Sport is en zijn het vrouwenboksen en –worstelen niet aan mij besteed. Maar naarmate ik meer zag, werd mijn enthousiasme groter. Ten eerste doen ‘we’ het best goed, dat is natuurlijk fijn. Maar ‘onze sporters’ zijn er over het algemeen ook leuk bij en ze doen van die leuke dingen.

Zoals die jongen van het windsurfen die al zeker was van goud en alleen maar hoefde te starten, en die toch een geweldige wedstrijd surft en alles geeft. Of een Epke die een schitterende oefening doet waarvan iedereen kan zien dat het om iets bijzonders gaat. Of ‘onze’ Anky en Salinero, die een prachtige kür reden en  prestaties hebben neergezet de afgelopen jaren die in de wereld geen weerga hebben.

Ik merk dat ik meer en meer van de Spelen ben gaan zien, deze afgelopen weken. Zo regelmatig had ik de televisie aan, om wedstrijden te kijken, finales te zien en commentaar en nabeschouwingen te horen. Donderdagavond heb ik tijdens het kijken van de klassieker ‘Casablanca’ de film stilgezet om de finales van de 200 meter hardlopen te zien. Toen die voorbij waren heb ik de film verder gekeken.

En of ze nu goud winnen, zoals de hockey dames gisteren, of zilver zoals Adelinde Cornelissen met de dressuur, of brons zoals die aardige man van het wielrennen, dat maakt niet uit. Of misschien wel geen medaille winnen, zoals Anky met Salinero die, denk ik, door iedereen in Nederland wel een mooie medaille werd gegund, maar die helaas vijfde werd. Nog altijd een fantastische prestatie, maar geen medaille. Of Churandy Martina, die ik goede halve finales heb zien lopen, en die kans had op een medaille, maar die jammer genoeg in de finales vijfde werd. Ik hoop voor hem dat de heren van de estafetteploeg vandaag in staat zijn om een medaille te halen, want ik zou het Churandy (en de andere drie natuurlijk) enorm gunnen.

Maar medailles of geen medailles, winnaars of net niet, ik vind dat de meeste van de Nederlandse sporters op de Spelen ontzettend sportief en sympathiek en daardoor gun ik ze elke medaille en alle eer die ze krijgen. Ik ben warempel een beetje trots op ‘onze jongens en meisjes in Londen’.

(foto van Anky van Grunsven komt van horses.nl, foto van Epke Zonderland komt van rnw.nl foto van Churady Martina komt van telegraaf.nl
Ik heb geen recht op de afbeeldingen, dus als ik die weg moet halen, laat het me maar weten.)
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...