donderdag 30 april 2015

Om niet te verdwalen, Patrick Modiano

Kunnen we verdwalen in onze herinneringen, of heeft het verdwalen al eerder plaatsgevonden? Dat is de vraag waarmee schrijver Jean Daragane worstelt in Om niet te verdwalen van Patrick Modiano. Want wat begrijpt een kind van wat er om heen heen gebeurt? En waarom herinneren we ons sommige dingen wel en andere zaken niet?

Het verhaal begint als Jean Daragane van twee mensen te horen krijgt dat zij zijn adresboekje hebben gevonden. Ze spreken af om het terug te geven, maar dan blijkt dat de twee een achterliggend motief hebben, ze willen informatie van Jean Daragane over een naam in het boekje. De twee, Gilles en Chantal, hebben ook een politiedossier en willen graag dat Jean hiernaar kijkt.

Jean kan zich de persoon niet herinneren, maar door het dossier en de gesprekken die hij met Chantal voert, komen er flarden naar boven van sommige mensen die een rol hebben gespeeld in zijn jeugd en een ingrijpende gebeurtenis die hij heeft meegemaakt.  
De laatste zin plaatst alles in perspectief en maakt duidelijk wat er gebeurt is en dat is bijzonder mooi en goed gedaan.

Om niet te verdwalen is een bevreemdend verhaal, niet vanwege de vele sprongen in de tijd, maar vooral omdat je er niet achter komt wie Gilles en Chantal zijn en wat ze precies willen. Ook wordt niet duidelijk of ze eigenlijk wel echt bestaan, tenminste, ik begon hier aan te twijfelen, vooral vanwege de vele, al te toevallige, overeenkomsten met de jeugd van Jean Daragane. Hier konden ook meer sinistere redenen voor zijn, maar dit wordt echter nooit duidelijk.

Het is ook een verhaal vol melancholie, over de eenzaamheid die Jean nu ervaart en vol flarden herinneringen die terugkomen aan de gebeurtenis die hij als kind heeft meegemaakt.

Dit is een van die boeken die ik, naarmate ik er langer over nadacht, beter vond worden dan toen ik het net uit had gelezen. Toen ik het boekje net gelezen had, was mijn oordeel dat ik het wel aardig vond. Maar langzaam begonnen de zinnen, de beschrijvingen en vooral de sfeer van het boek in te dalen en besefte ik dat het zoveel mooier is dan 'wel aardig'.
Patrick Modiano is geen schrijver die je even snel moet willen lezen, geloof ik. Het zijn verhalen die je langzaam tot je moet nemen zodat de verstildheid en de schoonheid van zijn zinnen tot je door kunnen dringen. Pas dan krijg je door hoe knap hij in een paar zinnen, een paar scenes een gemoedstoestand weet te schetsen of een situatie weet duidelijk te maken.
Om niet te verdwalen was mijn eerste kennismaking met Patrick Modiano, die vorig jaar de Nobelprijs voor de literatuur won, maar het is zeker niet het laatste boek dat ik van hem zal lezen.

Originele Franse titel: Poir que tu ne te perdes pas
Uitgegeven in 2014
Nederlandse uitgave 2015 door uitgeverij Querido
Nederlandse vertaling: Maarten Elzinga
Bladzijdes: 152

woensdag 29 april 2015

Vluchtelingen en solidariteit

Treffende cartoon van Simon Kneebone
Een paar maanden geleden was de hele westerse wereld solidair. De vreselijke gebeurtenissen in Parijs lieten bijna niemand onberoerd en iedereen was, al was het maar voor een paar dagen, ‘Charlie’. Allemaal stonden we achter dezelfde waarden en die wilden we verdedigen. Waardigheid, vrijheid en menselijkheid stonden opeens bovenaan bij iedereen en vooral bij elke politicus die garen wilde spinnen bij deze aanslagen.

Ondertussen is er van solidariteit weinig meer te merken. Vanuit Afrika komen er dagelijks tientallen, zo niet honderden, vluchtelingen deze kant op. De kant van het vrije westen. In de hoop op een betere toekomst dan ze kunnen krijgen in hun eigen door oorlog en armoede verscheurde landen.
Uitgebuit door mensensmokkelaars en mensen die overal een slaatje uit weten te slaan, betalen ze soms alles wat ze hebben voor een plek in een wrakke boot. De overtocht gaat vaak mis, boten vergaan en de mensen erop verdrinken. De vluchtelingen die wel aankomen, worden opgevangen op het eilandje Lampedusa, dat ondertussen overvol is.

De Italiaanse overheid kan de toestroom niet aan, maar Europa is niet bepaald actief in het zoeken naar een oplossing. Ik begrijp dat we niet alle mensen kunnen opvangen, maar er moet een betere oplossing te vinden zijn dan de mensen maar laten komen of ze laten verdrinken.

De ramp vorige week waarbij meer dan zevenhonderd mensen verdronken laat zien hoe nijpend de situatie is. Helaas is dit voor sommige mensen niet duidelijk en is er bij sommigen geen enkele aandacht voor de menselijke ellende die er achter dit soort nieuws schuilgaat. Op Twitter en ander sociale media waren er spottende opmerkingen te lezen en zelfs stuitende mensen die zeiden dat het maar goed was dat het gebeurd was, tenminste zoveel honderd asielzoekers minder.

Tegelijkertijd is de Nederlandse regering bezig om alle uitgeprocedeerde vluchtelingen op een onmenselijke manier te behandelen. Alleen nog opvang in een paar steden en alleen als de mensen meewerken aan hun uitzetting. De rest kan verrekken en in de stront zakken.

Van de VVD verwacht ik niets anders, die partij heeft nog nooit enige moraal gehad, maar dit akkoord dat er nu ligt laat zien dat de PvdA al haar idealen kwijt is geraakt en moreel failliet is.

Opnieuw, ik begrijp dat we niet alle mensen kunnen opvangen, maar er moet een betere oplossing zijn dan wat er nu gaat gebeuren.

Wat is er aan de hand? Waarom is het zo gemakkelijk om met de mond te belijden dat we solidair zijn, maar doen we niets?

Gelukkig zijn er burgemeesters en gemeentebesturen die al hebben aangegeven dat zij de nieuwe regels niet zullen volgen en niet zullen stoppen met het geven van hulp aan de gezinnen in hun gemeente. Zij worden hopelijk niet weerhouden door de oproepen van sommige politici dat zij uit hun ambt gezet zouden moeten worden. 

Gelukkig zijn er ook organisaties en individuen die zich wél het lot van al deze  mensen aantrekken en daadwerkelijk willen helpen en de handen uit de mouwen steken.

Vanuit onze menselijkheid hebben we de morele plicht om te helpen, om onze medemensen bij te staan en niet in de kou te laten staan. De hongerigen voeden, de naakten kleden, de dorstigen laven en vooral de vreemdelingen herbergen, die geboden zouden leidend moeten zijn in onze houding naar onze medemensen toe. 

Zoek alsjeblieft een manier om dat te doen. Een manier die niet blijft bij een solidaire tweet te sturen met de hashtag #solidariteit of #jesuisrefugee. Dat is gemakkelijk, maar helaas stopt het voor de meesten van ons daar. Laat ons samen naar middelen zoeken om mensen op een menswaardige manier te helpen en op te vangen, en niet alleen te beschouwen als lastige gelukszoekers die we liever kwijt dan rijk zijn.
Laat ons solidair zijn. Werkelijk solidair. 

maandag 27 april 2015

Het kleine paradijs, Victoria Hislop

Thessaloniki was een welvarende stad vol bedrijvigheid, een stad waar aan het begin van de 20e eeuw  Grieken, Joden en Moslims in evenwicht bij elkaar woonden. Helaas zouden de gebeurtenissen uit de geschiedenis dit evenwicht verstoren. 

Na de Eerste Wereldoorlog ontstond er een oorlog tussen de Grieken en de Turken en in het vredesoverleg werd besloten dat de Grieken Klein-Azie uit moesten en de Moslims Griekenland zouden verlaten. Een grote volksverhuizing kwam op gang. Mensen die al generaties ergens woonden, moesten nu met een paar bezittingen een nieuw leven op zien te bouwen in een nieuwe stad.

Nu de moslims weg waren, vormden de Grieken de meerderheid en de Joden een minderheid. Af en toe waren er uitingen van antisemitisme te merken, maar over het algemeen viel het mee voor de Joden in de stad. Tot Griekenland bezet werd door de Duitsers en zij hun politiek ten aanzien van de Joden ook hier uitvoerden. Het grootste deel van de grote Joodse gemeenschap werd weggevoerd naar kampen in Polen en zou niet terugkomen.

Na de Tweede Wereldoorlog kreeg Griekenland helaas te maken met een burgeroorlog tussen de communisten die in het verzet hadden gezeten tegen de Duitse bezetting en de rechtse partijen die weigerden hen toe te laten tot de regering. Een deling in de maatschappij die nog lang door zou werken.

Tegen deze interessante achtergrond speelt het prachtige verhaal van Het kleine paradijs van Victoria Hislop.

Het is het verhaal van de Dimitri, zoon van de rijke stoffenkoopman Komnios. De jongen is een teleurstelling voor zijn vader, want hij heeft geen belangstelling voor geld en wil arts worden. Tijdens de Tweede Wereldoorlog sluit Dimitri zich aan bij het communistische verzet tegen de Duitse bezetting, waarna zijn vader hem verstoot.

Tijdens de volksverhuizing van 1923 is het jonge meisje Katharina naar Thessaloniki gekomen. Snel wordt duidelijk dat de kleine Katharina een gave heeft met naald en draad. Het Joodse gezin Moreno dat naast haar woont en een kledingmakerij bezit, neemt haar uiteindelijk in dienst.
Dimitri en Katharina raken steeds meer op elkaar gesteld, maar het wordt hen niet gemakkelijk gemaakt om samen te zijn.

De draden van al deze verschillende levens zijn met elkaar verbonden en vormen een rijk en levendig patroon waarin Thessaloniki zelf ook bijna een hoofdrolspeler lijkt te zijn. Heel mooi wordt duidelijk hoe de gebeurtenissen ingrijpen in het leven van de gewone mensen en welke gevolgen dat kan hebben. Ontroerend vond ik de scènes waarin iedereen meehelpt de schatten van de synagoge te verbergen voor de nazi’s, op een manier die helemaal in het verhaal past.

Dat sommige dingen wat té toevallig zijn en dat de meeste personages een beetje eendimensionaal worden beschreven (heel erg goed of absoluut slecht) doet weinig af aan het feit dat Het kleine paradijs en zeer mooi en ontroerend boek is dat bovendien ook nog ongemerkt een heleboel informatie geeft over de geschiedenis van Griekenland. 
Aanrader.

Originele titel: The thread
Uitgegeven in 2011
Nederlandse uitgave 2012 door uitgeverij De boekerij
Nederlandse vertaling: Iris Bol en Marcel Rouwé
Bladzijdes: 398

zondag 26 april 2015

Citaat: Marilyn Monroe

I do not mind living in a man's world, as long as I can be a woman in it.
Marilyn Monroe (Amerikaanse actrice en filmster 1926-1962)

zaterdag 25 april 2015

Camouflage

Aan de achterkant van de Notre Dame in Parijs is te zien dat ze aan het restaureren zijn. Er zijn schermen geplaatst, maar die gaan zo keurig in het geheel op dat ze bijna niet zichtbaar zijn.
Eerlijk gezegd zag ik ze pas toen ik de foto thuis op de computer bekeek. (om dat even uit te leggen: ik kwam hier heel haastig langs tijdens een fietstocht door Parijs met de leerlingen. Weinig tijd en kans om goed om me heen te kijken :-) )

donderdag 23 april 2015

Het kleine meisje van meneer Linh, Philippe Claudel

Meneer Linh is al een oude man als hij uit zijn door oorlog verwoeste land vlucht.  Zijn familie is omgekomen, en het liefst was de oude man ook gestorven, maar hij moet blijven leven voor zijn kleindochter. Dit kleine meisje heeft hem nodig om sterk te zijn, om een oude mangoboom voor haar te zijn terwijl zij nog een klein groen mangootje is.

Daarom heeft hij de beslissing genomen om naar een nieuw land te gaan, zodat zij  een goede toekomst zal krijgen. Wennen in het nieuwe land is niet gemakkelijk. Hij heeft een bed in een opvang voor vluchtelingen waar ook andere families uit zijn land zijn, maar heel hartelijk zijn ze niet voor hem.

Meneer Linh spreekt de taal niet van dit nieuwe land en herkent geen van de geuren, hij voelt zich ontwortelt en weet niet hoe hij het moet redden.
Tot hij op een dag de moed heeft om een wandeling te maken en hij meneer Bark tegenkomt. Deze dikke man praat tegen hem en is vriendelijk en langzaam groeit er een vriendschap, hoewel beiden elkaars taal niet spreken. Meneer Linh heeft nu ook een nieuwe reden om door te zetten en te overleven, hij heeft een vriend.

Van nu af aan zit de oude man vanaf het opstaan al te wachten op het moment dat hij weer bij zijn vriend zal zijn. In gedachten heeft hij het over zijn ‘vriend’, en dat is het ook, daar is geen twijfel over mogelijk. De dikke man is zijn vriend geworden, al kan hij zijn taal niet spreken en er geen woord van verstaan, en al is het enige woord dat hij zelf kent ‘goedendag’. Dat geeft allemaal niet. Trouwens, de dikke man kent ook maar één woord in de taal van meneer Linh, en dat is hetzelfde woord.

Helaas kunnen meneer Linh en zijn kleindochter niet in het opvanghuis blijven en moet er een nieuw onderkomen gezocht worden. Meneer Linh is bang dat dit zal betekenen dat hij zijn vriend niet meer zal kunnen zien en ondanks de nieuwe omstandigheden doet hij zijn uiterste best om meneer Bark terug te vinden.

In slechts 143 bladzijdes weet Philippe Claudel te vertellen over vriendschap over de grenzen van taal heen, over hoop en medemenselijkheid. Prachtig hoe meneer Linh en meneer Bark in elkaar hun eigen verdriet herkennen en elkaar tot steun kunnen zijn.
In kleine momenten en gebaren wordt veel uitgedrukt. Heel mooi vond ik dat meneer Linh om pakjes sigaretten vraagt bij de leiding van het opvanghuis, zodat hij iets heeft om aan meneer Bark te geven, de man die hem eindelijk de geuren van zijn nieuwe vaderland heeft leren kennen.

Halverwege het verhaal kom je er langzaam achter wat er aan de hand is en dan besef je dat het leven van meneer Linh nog veel triester is dan je al dacht.

Wat is een mensenleven anders dan een keten van leed om je hals? Wat heeft het voor zin om door de dagen, maanden en jaren te gaan, steeds zwakker en opnieuw gekwetst? Waarom zijn de dagen die nog moeten komen altijd weer bitterder dan de dagen die voorbij zijn en die ook al zo bitter waren?

Dit fijngevoelige verhaal heeft me diep geraakt en ontroerd, vooral het hartbrekende einde kan denk ik niemand onberoerd laten. Ik heb in ieder geval mijn tranen niet kunnen binnenhouden en heb de hele avond nog met dit verhaal in mijn hoofd gezeten, zoveel indruk heeft het gemaakt.
Het kleine meisje van meneer Linh is een zeldzaam mooi boek en zeker niet het laatste boek dat ik van Philippe Claudel wil lezen, er ligt al een hele stapel klaar.

Originele Franse titel: La petite fille de monsieur Linh
Uitgegeven in: 2005
Nederlandse uitgave 2005 door uitgeverij De bezige bij
Nederlandse vertaling: Manik Sarkar
Bladzijdes: 143

woensdag 22 april 2015

Miss Fisher's murder mysteries (2012-)

Miss Fisher (Essie Davis)
De beste detective series komen uit Groot-Brittannië en zeker de beste detective series die zich afspelen in een andere tijd. Denk aan Poirot, Mrs. Bradley, Cadfael, Father Brown enzovoort. Ik heb echter laatst een nieuwe serie ontdekt die laat zien dat de Australiers er ook wat van kunnen.

Miss Fisher’s murder mysteries is gebaseerd op de boeken van Kerry Greenwood. De serie speelt zich af in de jaren ’20 in Melbourne en de hoofdpersoon is Miss Phryne Fisher. Haar familie is behoorlijk rijk geworden en ze kan het zich veroorloven om te doen wat ze wil en waar ze goed in is. Haar nieuwsgierige aard en snelle manier van denken maken haar zeer geschikt om privé-detective te worden. Daarbij is ze volkomen onverschrokken.

Ze rijdt in een Hispano-Suiza, maar vliegt net zo gemakkelijk in een vliegtuigje, ze spreekt verschillende talen en is een uitstekende scherpschutter. Ze gaat net zo gemakkelijk ondercover in een nachtclub als in een circus en deinst niet terug voor inbraak.

Inspecteur Jack Robinson (Nathan Page) wordt af en toe gek van haar bemoeienissen, maar moet wel toegeven dat Miss Fisher het vaak bij het rechte eind heeft, hoewel de manier waarop ze tot haar conclusies komt hem grijze haren bezorgt. 
Jack Robinson en Phryne Fisher
Geweldig zijn Cec en Bert, de communistische taxi chauffeurs die altijd bereid zijn een handje te helpen, de butler Mr. Butler, die zowel precies weet wanneer hij een cocktail moet serveren als wanneer hij een crimineel in de houdgreep moet nemen en natuurlijk Miss Fisher’s gezelschapsdame Dottie. Tante Prudence, gespeeld door Miriam Margolyes, mogen we ook absoluut niet vergeten. 

Een serie zoals deze moet je niet kijken voor de geloofwaardigheid of voor de plots, die af en toe wat vergezocht zijn. Je kijkt een serie zoals deze voor de sfeer (zeer goed getroffen), de kleding (en oh, wat draagt Miss Fisher geweldige kleren) en de heerlijke vlotte conversaties tussen Miss Fisher en inspecteur Robinson.

De eerste twee series van elk dertien afleveringen heb ik op dvd, en er is een derde serie die ongetwijfeld ook op dvd uit zal komen.

Een absolute aanrader voor iedereen die houdt van de jaren ’20, of een vermakelijke en luchtige detective serie vol aandacht voor details van de historische periode. Erg leuk. 

maandag 20 april 2015

Liever geen applaus voor ik leef, Sander van Leeuwen

Thomas heeft het voor elkaar, zo lijkt het; net afgestudeerd, een baan, een leuk huisje en een leuke vriendin. Dit klinkt echter beter dan het is. Als pas afgestudeerd psycholoog komt hij niet aan de bak en zijn baan bestaat eruit dat hij ’s avonds basisscholen schoonmaakt. En hoewel hij en Eva nog bij elkaar zijn, is dit meer gewoonte geworden dan dat het nog echt goed zit tussen hen tweeën.

Thomas is in een gat terecht gekomen en het lukt hem niet eruit te komen, hij solliciteert niet eens meer en wacht de hele dag tot hij moet werken, dat is het enige dat hij uitvoert. Schuldgevoel om zijn beste vriend die enige jaren geleden zelfmoord pleegde, speelt ook nog altijd een rol in zijn leven.
Kortom, het lukt Thomas niet de draad op te pakken en met zijn leven verder te gaan, of er zelfs maar aan te beginnen.

Dan krijgt hij een brief van de Schotse Anna, die geboren is in het huis waar Thomas nu woont. In de eerste instantie vermoedt Thomas een grap en schrijft hij niet terug, maar als er meer brieven komen, ontstaat er een briefwisseling. Thomas merkt dat Anna zeer ongelukkig is en voor het eerst in lange tijd komt hij weer in actie. Hij besluit Anna op te zoeken en te kijken wat hij voor haar kan doen.

Liever geen applaus voor ik leef heeft mooie zinnen, mooie beschrijvingen en mooie gedachtegangen. Ik had op een gegeven moment wel de neiging om Thomas een schop onder zijn kont te geven, zeker omdat hij niet vooruit te branden is. Hij blijft maar hangen in zijn ellende en apathie. Toch komt hier langzaam verandering in, als de briefwisseling langer duurt, begint Thomas zichzelf ook weer te vinden (en dat werd tijd ook).

Bijna aan het einde gebeurde er echter iets waardoor ik bijna het boek aan de kant gooide, teleurgesteld in de clichématige en vergezochte oplossing. De regels uit de songteksten die her en der door het verhaal gestrooid waren, begonnen me vanaf dat moment ook meteen te irriteren. Tot die tijd vond ik ze nog wel iets hebben, de teksten die Thomas ooit ook had willen schrijven, die zijn gedachten beter weergaven zoals hij op een andere manier niet kon.

Ik was een beetje te voorbarig en enkele bladzijdes later bleek ik voor niets chagrijnig te zijn geworden. De afloop zat gelukkig toch anders in elkaar. Uiteindelijk was het was het einde voor mij toch een tikje onbevredigend, want zo heel goed vond ik het niet uitgelegd hoe de situatie met Anna in elkaar zat. Of eigenlijk, het hoe was wel duidelijk, maar het waarom vond ik wat moeizaam en niet zo heel geloofwaardig.

Kortom, niet helemaal zo mooi als ik hoopte, maar zeker niet zo’n afknapper als ik even vreesde en over het algemeen was dit debuut van Sander van Leeuwen de moeite waard.

Uitgegeven in 2015 door uitgeverij Meulenhoff de Boekerij
Bladzijdes 192 (ereader)

Van dit boek heb ik een recensie-exemplaar van de uitgever gekregen. Dat doe ik niet vaak, maar in dit geval heeft het goed uitgepakt. 

zondag 19 april 2015

Citaat: Sint Augustinus

Een gewoonte waar je je niet tegen verzet wordt al snel een noodzaak.
Augustinus (kerkvader en heilige 354-430)

zaterdag 18 april 2015

Saint Eustache

De Saint Eustache is een grote kerk in Parijs, vlak bij Les Halles. Elke keer als ik er binnen kom verbaas ik me erover dat het binnen zoveel lichter is dan ik verwacht, al is de kerk van binnen een tikje onoverzichtelijk.
De buitenkant is een mengelmoes van stijlen, naar ik heb gehoord (ik heb hier niet zo heel veel verstand van, maar de persoon die dit tegen me zei heeft dat wel), maar ik vind het altijd wel een mooi geheel.




donderdag 16 april 2015

Marilyn, Lois Banner

Marilyn Monroe blijft een fascinerende vrouw en de stroom boeken die over haar zijn verschenen en blijven verschijnen laten dit zien.

De vraag is natuurlijk wat voor nieuws een nieuwe biografie nog kan brengen. In 2012 kwam Marilyn, the passion and the paradox van Lois Banner uit. Zij wilde als historica en feminist een nieuwe invalshoek brengen, dit boek is het resultaat.

Opnieuw wordt verteld over haar jeugd met een moeder die gek werd en de vele pleegezinnen die zouden volgen. Daarna het eerste aarzelende begin in de wereld van show en entertainment. De eerste foto’s, het eerste contract bij een studio, de eerste rolletjes en langzamerhand roem en succes, terwijl haar persoonlijke leven steeds turbulenter werd, met een eenzame dood tot gevolg.

Een boek over Marilyn Monroe is niet saai, omdat Marilyn zelf niet saai was. Maar ik kan niet zeggen dat dit boek nu zoveel nieuws toevoegt.
Nu hoeft dat ook niet altijd, gewoon een goede biografie kan ook fijn zijn om te lezen, zelfs al zijn de feiten bekend, maar als je dan met alle geweld iets nieuws wil brengen, doe het dan goed en lanceer het niet met heel veel geschreeuw terwijl er uiteindelijk weinig wol te vinden is.

Wat het boek namelijk wat vervelend maakt om te lezen is dat de schrijfster zichzelf enorm in de hoogte steekt. Zij is de eerste die dit heeft ontdekt, de enige die die persoon heeft geïnterviewd of het belang van zus of zo heeft ingezien. Bovendien is haar insteek nieuw en belangrijk en beter dan die van alle andere biografen.

Lois Banner probeert Marilyn langs de feministische meetlat te leggen, maar slaagt hier naar mijn idee niet zo goed in. Marilyn is te complex om in zulke simpele termen te worden beschreven en het geheel doet nogal krampachtig aan.
Om daarbij steeds opnieuw nadruk te leggen op Marilyn’s eventuele lesbische gevoelens (gebaseerd op een onvolledige uitspraak van Marilyn) en haar houding tegenover seks wordt op den duur irritant, net zoals de vele herhalingen die voorkomen. Lois Banner vertelt iets en enkele bladzijdes later herhaalt ze het weer, nu met meer details en uitleg.

Toch zou ik dit geen slechte biografie noemen. Het is interessant, de meeste feiten kloppen en over het algemeen is het vlot geschreven, als je de herhalingen even niet meetelt. Ook komt het boek met wat nieuwe informatie over bijvoorbeeld haar jeugd en de pleeggezinnen waar Marilyn heeft gewoond.

Als eerste of enige biografie over Marilyn Monroe zou ik dit boek niet aanraden, maar als aanvulling op andere over haar verschenen boeken (waar veel uitstekende boeken onder te vinden zijn) is het toch wel de moeite waard.

Complete titel: Marilyn, the passion and the paradox
Uitgegeven in 2012
Bladzijdes: 431
Geen Nederlandse vertaling

woensdag 15 april 2015

Gele koorts

Geel is een kleur die ik niet mooi vind. Ik heb niets geels in huis en bezit geen enkel geel kledingstuk. Ik koop ook nooit gele bloemen voor mezelf. Er is echter een uitzondering; gele lentebloemen. Buiten, in tuintjes, op grasvelden en in bermen. Niets is lente-achtiger en zonniger en niets maakt je vrolijker.
Deze gele bloemen kwam ik afgelopen zondag tegen.







maandag 13 april 2015

Een schitterend isolement, Olga Majeau

In een paar generaties kan de koers van een familie volkomen veranderen. De gebeurtenissen uit de grote geschiedenis hebben hun invloed, maar ook de verhoudingen tussen de familieleden onderling.

De familie van Olga Majeau is niet bepaald hecht te noemen. Ze heeft een goed contact met haar grootmoeder Elfi, maar daar blijft het wel bij. Pas als haar oma overlijdt en Olga allerlei papieren krijgt, begint ze te beseffen dat er een hele geschiedenis aan haarzelf verbonden is. Losse opmerkingen van haar grootmoeder, bezoekjes die ze als kind her en der heeft afgelegd; alles komt weer naar boven en Olga besluit om te kijken of ze meer van haar familie te weten kan komen.

Zes generaties voor Olga zit een bekende schrijfster uit de Duitse romantiek, Bettina von Arnim. Bettina von Arnim was bevriend met Goethe en Marx en stond bekend als een vrouw die zich niet stilhield als ze misstanden zag.

De generaties erna verkeerden aan het Duitse keizerlijke hof en trouwden in de hoogste kringen. Olga komt erachter dat de grootvader van haar oma een Hongaarse baron was, die een slot in Tirol kocht en dit vulde met een grote kunstcollectie. Nadat Oostenrijk-Hongarije de Eerste Wereldoorlog verloren had, onteigende de Italiaanse overheid het grootste deel van dit bezit en tot op de dag van vandaag is veel ervan spoorloos.

Het is echter Elfi’s vader, Olga’s overgrootvader Arpad, die de ergste val meemaakt. Hij, voormalig baron, werd in 1950 door de Hongaarse communistische regering gedeporteerd, afgesneden van de rest van zijn familie. Uiteindelijk zou hij in Nederland terecht komen, een gebroken man.

Olga’s zoektocht voert haar van het slot in Oostenrijk naar het Goethemuseum in Duitsland en naar Berlijn, Birmingham en Boedapest. Ze probeert erachter gekomen wat er met de kunstcollectie is gebeurt en waarom er niemand op de begrafenis van haar overgrootvader was.

Bijzonder interessant is deze familiegeschiedenis en wat vooral knap is dat Olga Majeau de valkuil weet te vermijden om te veel feiten op te sommen. Ze gaat moeiteloos heen en weer in de tijd, van de gesprekken met haar oma tot de zoektocht naar af en toe een fictieve impressie van het leven van een van haar voorouders. 

Dit levert een zeer boeiend verhaal op dat geen moment inzakt of vervelend wordt. Mooi wordt duidelijk hoe een familie kan veranderen en hoe de geschiedenis invloed heeft op het leven van mensen.  

Uitgegeven in 2015 bij uitgeverij Quirido
Bladzijdes: 317

zondag 12 april 2015

Citaat: Mark Twain

In de lente heb ik 136 soorten weer gezien, in 24 uur.
Mark Twain (Amerikaans schrijver 1835-1910)

zaterdag 11 april 2015

Houd vol!

Ook een manier om er voor te zorgen dat mensen het niet erg vinden dat ze een stukje om moeten rijden...

donderdag 9 april 2015

Niets weerstaat de nacht, Delphine de Vigan

Dephine de Vigan is een Franse schrijfster die al verschillende boeken heft gepubliceerd. Op een dag in januari vond ze haar moeder die zelfmoord had gepleegd. Delphine besloot om over haar moeders leven te schrijven. Ze sprak met alle ooms en tantes en de mensen die haar moeder kenden om alle informatie bij elkaar te krijgen.

Lucile was het derde kind in een grote family. Haar ouders, Liane en Georges hadden een goede band en waren dol op elkaar en met zoveel broers en zussen was er altijd wel iets te doen.
Lucile was een zeer mooi kind en had een carrière als kind-model voor kinderkleding.

Je zou dus zeggen dat dit een zorgeloze jeugd was, maar helaas waren er ook donkere wolken aan de horizon, een jongere broer stierf in een ongeluk en een pleegbroer overleed onder geheimzinnige omstandigheden.

De rebellie die Lucile liet zien als tiener, was ook een aanwijzing dat er iets grondig mis zat. Bovendien zouden verschillende leden van de familie, waaronder een van Lucile’s broers, zelfmoord plegen door zichzelf door het hoofd te schieten. Lucile zou opgroeien en jaren vol alcohol en depressies kennen. Delphine en haar jongere zuster Manon waren hier de getuigen van en moesten leren omgaan met de gevolgen.

Het is moeilijk een familiegeschiedenis te schrijven, zeker bij iemand die je zo na staat als je moeder. Iedereen heeft bovendien een eigen versie van de waarheid en niemand is erop gesteld om die versie onderuit gehaald te zien worden, wat gesprekken met familieleden soms moeizaam kan maken.

In Niets weerstaat de nacht wordt duidelijk dat het niet gemakkelijk is om afstand te nemen. Het eerste gedeelte van het verhaal, over de jeugd van Lucille is verhalend en mooi om te lezen.

De latere delen, waarin Delphine de Vigan zelf toeschouwer is geweest en vaak ook slachtoffer van wat haar moeder allemaal uitspookte, vervallen soms een beetje in een opsomming van opnames en gebeurtenissen, waardoor het, ondanks de vreselijke gebeurtenissen, iets minder gemakkelijk is om je hier in te leven.
Aan de andere kant kan ik ook wel begrijpen dat dit misschien nodig is om jezelf als schrijfster een beetje tegen de herinneringen in bescherming te nemen.

Ook wordt mooi duidelijk welke invloed familie en opvoeding kunnen hebben en hoeveel leed een psychische aandoening kan geven, niet alleen aan degene die er aan lijdt, maar ook zeker aan degenen die er omheen staan, vooral als dat kinderen zijn.

Over het algemeen vond ik Niets weerstaat de nacht een mooi en indringend boek, een dapper boek ook om zo persoonlijk te schrijven, jezelf zo kwetsbaar op te stellen.
Delphine de Vigan is een schrijfster waar ik zeker meer van ga lezen. 

Oorpronkelijke Franse titel: Rien ne s’oppose á la nuit
Uitgegeven in 2011
Nederlandse uitgave: 2013 door uitgeverij De Geus
Nederlandse vertaling: Jan Versteeg
Bladzijdes: 442

woensdag 8 april 2015

Folly's

Eilandjes in een meer of in een vijver zijn vaak fascinerend voor mensen. Je kunt er naar toe, maar je moet er wel moeite voor doen. Het is afgelegen en afgezonderd, maar toch zichtbaar.
Op de een of andere manier hebben mensen de neiging om ook een bouwsel neer te zetten op zo'n eilandje, een folly. Een bouwseltje dat geen doel heeft, er alleen maar is. Of doet alsof het een doel heeft. Daarbij is de ene folly duidelijk met meer grandeur gebouwd dan de andere folly.

Dit bouwseltje staat op een eilandje midden in het water in het Beatrixpark in Almere. Het was een koude dag in januari dat ik deze foto nam. Het is een grappig dingetje, maar ik heb geen idee wat het voor moet stellen of wat het nut ervan is.

Hier zien we een bouwsel met meer grandeur. Het is een tempel voor Asclepius in de Villa Borghese in Rome. Deze foto is genomen in de zomer, een aantal jaren geleden.

maandag 6 april 2015

Armoede, Ina Boudier-Bakker

De familie Terlaet is een gegoede Amsterdamse familie. Moeder is overleden en vader Evert Terlaet is vastbesloten alleen het leuke en het goede in al zijn kinderen te zien, daarbij volkomen voorbijgaand aan hun problemen of hun verdriet, zoals hij ook het verdriet van zijn vrouw niet zag terwijl hij haar ontrouw was.

Evert is trots op zijn oudste zoon Bernard die professor is, maar is razend als Bernard besluit om te trouwen met Lena, een volkse vrouw met wie hij, sinds de dood van zijn echtgenote, al jaren een verhouding heeft, omdat zij de enige was die hem troost en warmte bood.

Evert ziet alleen de schoonheid van zijn dochter Amme, maar weigert om te erkennen dat de ontrouw van haar echtgenoot haar verdriet doet, zoals hij bij zijn oudste dochter Louise niet wil zien hoe ver zij van haar familie verwijdert is geraakt.

Zoon Hein lijkt een robuuste, gezonde man te zijn, maar hij kan zijn dertienjarige zoon Berry niet aan en doet hem uit wanhoop op kostschool, nadat de jongen voor de zoveelste maal van een school is weggestuurd.

Van jongste dochter Lot houdt Evert veel, maar hij kan niet velen dat ze getrouwd is met leraar oude talen Peter (te min in zijn ogen) en er is een constante strijd aan de gang om Lot’s gezelschap en genegenheid. Dat Lot aan depressies lijdt nadat ze is bevallen van twee doodgeboren kindertjes, wil de oude man niet zien, hij denkt hier niet eens meer aan.

Jongste zoon Paul tenslotte is een beste jongen, vindt zijn vader, maar zwaar op de hand. Dat Paul lijdt aan paniekaanvallen en doodsbang is om zijn verstand te verliezen beseft Evert niet.

De hele familie Terlaet is ongelukkig of heeft een klap van de molen gehad, zoveel is wel duidelijk. De familie is overduidelijk rijk en in zeer goeden doen, maar het armoede troef in hun gevoelens en gedachten. Niemand weet van elkaar wat ze werkelijk denken, schone schijn ophouden is het allerbelangrijkste. Paul overdenkt op een gegeven moment:

Er schuilt een armoede in ieders mensenbestaan. En in die armoede scheidt ze in verbittering van onbegrepenheid, of drijft ze naar elkaar toe in hulpeloosheid van verlangen, maar alle liefde vermag niet de leemte te vullen- eenzaam blijft tenslotte ieder, naast degene die hem het liefst is. En zo tobben we allemaal rond, elk op zijn eigen manier.

Armoede wordt verteld in drie delen. In het eerste deel leren we alle personages kennen, in het tweede deel is het zomer en verblijft de hele familie op het buiten Hoger-Heijden en komt de zaak Bernard tot een uitbarsting. In het derde deel zal vader Evert overlijden en moeten de anderen verder zien te gaan met hun leven.

Gelukkig blijft het niet alleen maar kommer en kwel, iedereen komt op de een of andere manier op zijn of haar pootjes terecht of weet een weg te vinden die lijdt naar een gelukkiger leven dan men daarvoor had. Of in ieder geval weet men om te gaan met het ongelukkige leven.

Het genre waarin Ina Boudier-Bakker (1875-1966) schreef, werd door critici schamperend ‘damesroman’ of ‘huiskamerrealisme’ genoemd. Hierin zouden vrouwelijke auteurs gemakkelijk te lezen familieromans schrijven met wat psychologisch geleuter op de achtergrond.

Ik denk dat deze kwalificaties Armoede te kort doen. Ik denk dat Ina Boudier-Bakker met de verschillende personages mensen heeft geschapen die allemaal iets hebben waar je jezelf in kunt herkennen, of waarvan je je kunt afvragen hoe je zelf zou reageren in een bepaalde situatie.
Is er een absoluut goed of fout, of spelen de karakters van mensen ook een rol, kan het zijn dat twee mensen elkaar ongelukkig maken omdat ze beiden niet krijgen wat ze nodig hebben?

Het taalgebruik is helder en mooi, niet zo rijk doorspekt met allerlei bijvoeglijke bijnaamwoorden zoals bij Louis Couperus, maar toch met prachtige zinnen en een woordgebruik waardoor je merkt dat je geen moderne roman leest. 

Toch is de roman in de psychologie beslist niet gedateerd, ik denk dat ieder van ons wel iets kan herkennen in Bernard, Amme, Hein, Paul of Lot. Zelfs de oude Evert is misschien niet alleen maar een oppervlakkige man, maar juist iemand die het kwade niet ziet omdat hij bewust in iedereen het goede zoekt.
En dan valt het met die geestelijke armoede waarschijnlijk ook wel mee.

Uitgegeven in 1909

zondag 5 april 2015

Zalig Pasen

Zalig Pasen allemaal en om in de stemming te komen een prachtig stuk van Mozart, dat heel mooi bij deze tijd van het jaar past.
Ave Verum Corpus, met als dirigent Leonard Bernstein.

zaterdag 4 april 2015

Marilyn in Parijs

Zelfs al heb ik weinig tijd, ik probeer als ik ergens ben toch een aantal ansichtkaarten te kopen. In Parijs vond ik een afbeelding van Marilyn Monroe die ik nog niet kende, maar wel bijzonder mooi vond. Natuurlijk heb ik die kaart meteen gekocht. Ik vind Marilyn Monroe een fascinerende vrouw en mag graag over haar lezen of haar zien, zoals in dit geval.
Je ziet Marilyn niet vaak zo ontspannen en gelukkig
Ik koop die kaarten om op te sturen, maar vaak ook om als boekenlegger te gebruiken. Ik vind het dan vooral leuk als ik een kaart vind die precies bij een bepaald boek past.

Deze keer was het echter andersom. De kaart van Marilyn was al gekocht, toen ik de dag erop in de FNAC op de Champs-Elysées een nieuwe biografie van Marilyn Monroe tegenkwam. Dit was het lot en ik heb het boek dan ook meteen gekocht.

Een nieuw boek over Marilyn Monroe én een prachtige boekenlegger, een mooi cadeautje van Parijs.
Ik ben hier al in begonnen, ik kon natuurlijk niet wachten.

donderdag 2 april 2015

De rode ruiterij, Isaak Babel

Isaak Babel was een beginnende verhalenschrijver toen Maxim Gorki hem aanried om meer onder de mensen te komen, aangezien dit zijn verhalen ten goede zou komen. Babel nam daarom na de Russische Revolutie dienst in het Rode leger en ging tijdens de Russisch-Poolse oorlog mee als oorlogscorrespondent met een regiment Kozakken. De dagboeken die hij toen bijhield, zijn de bron voor de korte verhalen die hij heeft uitgegeven onder de titel: De rode ruiterij.

Het zijn vierendertig verhalen waarin ten eerste prachtige natuurbeschrijvingen te vinden zijn.

Purperen papavervelden bloeien om ons heen, de middagwind speelt met de vergelende rogge’.

Deze beschrijvingen zijn echter een beetje in contrast met het geweld en de verschrikkingen van de oorlog die een prominente plaats innemen in de verhalen. Alle aspecten van de oorlog komen langs; gesneuvelden, gewonden, de burgerbevolking die te lijden heeft. De Kozakken nemen stadjes en dorpen in, terroriseren de bewoners en kennen God noch gebod.

Vaak is er in de verhalen de figuur die er een beetje buiten staat, de man met de bril die gestudeerd heeft en geminacht wordt, tot hij zich net zo woest gedraagt als de anderen en dan in hun midden wordt opgenomen, al kost het hem zijn geweten.

Soms echter komen de natuurbeschrijvingen en de oorlog samen:

Een oranje zon rolt langs de hemel als een afgeslagen hoofd

Paarden spelen ook een grote rol, alle Kozakken rijden op hun paardjes en die zijn bijna belangrijker voor hen dan hun kameraden, zoals blijkt uit de volgende scene:

‘Hij had het paard van huis meegebracht’, zei Bitsenko met de lange snor. ‘Waar vind je nog zo’n paard?’
‘Een paard, dat is een vriend’ antwoordde Orlov.
‘Een paard, dat is een vader’, zuchtte Bitsenko, ‘ontelbare keren redt het je leven. Zonder paard ben je nergens.’

Korte verhalen zijn het, soms maar twee of drie bladzijdes lang, maar ze vertellen genoeg. De ervaringen die Isaak Babel heeft opgedaan in de oorlog hebben hun sporen achtergelaten.

Isaak Babel werd in 1884 geboren in Odessa, nadat zijn Joodse familie daar was terechtgekomen na enkele grote pogroms. Joden hadden het niet bepaald gemakkelijk in die tijd in die contreien, zo overleefde Isaak zelf een pogrom, werd hij als Jood niet toegelaten op een goede school en nam hij in het leger een schuilnaam aan om niet meteen als Jood herkenbaar te zijn.
 
Het prachtige schilderij De rode cavalerie van K. Malevich.
Foto door mij gemaakt op de tentoonstelling in het Drents Museum in Assen

Hoewel hij communist was, schreef hij in zijn verhalen geen propaganda over de Revolutie en het communisme, maar de gewelddadige realiteit. Hierdoor kwam hij steeds meer in aanvaring met de autoriteiten. Dat zijn vrouw naar Frankrijk was gegaan omdat ze de manier waarop de Sovjet Unie geleid werd steeds minder aangenaam vond en Babel haar een aantal malen opzocht, werd hem ook kwalijk genomen.

In 1939 werd Isaak Babel opgepakt door de geheime dienst, de NKVD. Hij werd gemarteld en uiteindelijk, toen hij bekend had, veroordeeld en doodgeschoten wegens ‘spionage voor de Fransen’. Pas na de dood van Stalin werdt Isaak Babel in ere hersteld.

De rode ruiterij werd in verschillende landen uitgebracht en Isaak Babel wordt zelfs een waardig opvolger van Anton Tsjechov genoemd. Of dat zo is kan ik niet beoordelen. Ik persoonlijk vind de verhalen van Tsjechov mooier, maar ik vond de verhalen van Isaak Babel ook zeer bijzonder en bij tijd en wijle zelfs mooi.

Oorspronkelijk uitgegeven in 1926
Deze Nederlandse uitgave 2014 door uitgeverij Van Oorschot
Uit het Russisch vertaald door Froukje Slofstra
Bladzijdes:  134

woensdag 1 april 2015

Inspirerende kunst: Malevich

Wat ik zo bijzonder vind aan Kazimir Malevich is dat hij zowel heel figuratief heeft geschilderd aan het begin en aan het einde van zijn carrière, maar ook heel abstract. Het verschil is goed te zien in de onderstaande schilderijen (gefotografeerd op de Malevich tentoonstelling in het Drents Museum in Assen).
Als je het niet weet, zou je niet snel herkennen dat beide werken gemaakt zijn door één en dezelfde kunstenaar.

Beide werken zijn prachtig, vind ik. In het eerste schilderij vind ik de lijnen en de kleuren schitterend. Het is levendig, hoewel het alleen een huis is, niets meer. Toch geeft het landschap waarin het huis staat en de lucht erboven kracht aan het schilderij. Het is niet vlak, er gebeurt wat, zelfs al zie je verder niets.
Rood huis (1932)
In het tweede werk bewonder ik de gezichtsuitdrukking en de ogen van deze arbeider, zelden heb ik een schilderij gezien waar de gezichtsuitdrukking zo menselijk was. Je voelt daardoor onmiddellijk sympathie met deze man, je voelt dat hier een verhaal achter steekt.
Portret van een stootarbeider 1932
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...