maandag 27 juni 2016

De eerste man, Albert Camus

De vader van Jacques Comery is overleden toen Jacques nog maar één jaar oud was. Zijn vader stierf in de loopgraven van Noord-Frankrijk, vechtend voor het moederland. In Algerije blijft zijn vrouw achter met twee kleine kinderen en om rond te kunnen komen trekt ze bij haar moeder in Algiers in.

Het is bittere armoede in het gezin met drie volwassenen en twee kinderen (grootmoeder, moeder en oom en de twee broertjes) en het is met veel moeite dat de kleine Jacques verder mag leren aan het lyceum.

Onvoltooid
De eerste man is een bijzonder boek, want de schrijver heeft het namelijk niet af kunnen maken. Op 4 januari 1960 is Albert Camus omgekomen bij een auto ongeluk en dit onvoltooide manuscript zat in zijn tas. Volgens de aantekeningen hadden er nog stukken achteraan moeten komen en hij heeft ook geen kans gehad om het te corrigeren of bij te werken.

Pas in 1994 is het uitgegeven en eigenlijk heeft men het manuscript grotendeels zo gelaten zoals het was. De uitgevers hebben ervoor gekozen om alleen de interpunctie toe te voegen voor de leesbaarheid. Verder wordt er in noten aan gegeven waar er stukken onleesbaar waren, of waar Albert Camus een andere versie of aanvulling gaf of een opmerking plaatste.

Dit is absoluut de juiste keuze geweest, want op deze manier krijg je heel goed een idee van het verhaal dat Albert Camus voor zich had. Bovendien geeft het op deze manier ongewild ook een inkijkje in de manier waarop een verhaal tot stand komt. Dat er stukken ontbreken en dat het niet af is, is geen probleem, want het gedeelte dat er wél is, is ongelofelijk mooi en zeer de moeite waard. 

Armoede
In De eerste man beschrijft Camus zijn eigen jeugd als zoon van Franse kolonisten in Algerije en dit doet hij vol kleuren en geuren. De hitte van Algiers die ’s middags elke activiteit smoort, de jongens die rondrennen en kattenkwaad uithalen en zich af en toe een Arabisch gebakje of een frietje kunnen veroorloven, terwijl de geur van de zee af en toe wat verfrissing brengt. Moeiteloos zie je de stad voor je, met de verschillende bewoners, de Fransen, de Spanjaarden, de Arabieren en hun verschillende gebruiken en gewoontes die samen een kleurrijk geheel vormen.

Maar heel mooi en indringend beschrijft hij ook de beperkingen die armoede een gezin oplegt. Als er geen boeken zijn, geen enkele opleiding, dan wordt het wel heel moeilijk om de wereld buitenshuis te begrijpen.

Grootmoeder kan niet lezen en schrijven, moeder kan wel een beetje lezen, maar heeft een heel beperkte woordenschat en veel begrippen hebben voor haar geen enkele betekenis. Zo weet ze dat haar man door granaatscherven is omgekomen, maar voor haar idee zijn granaatscherven iets zelfstandigs, ze heeft geen idee wat dit begrip betekent. Op die manier houden armoede en onwetendheid elkaar in stand.

Armoede is een vesting zonder ophaalbrug.

Toch is het niet alleen ellendig, het is duidelijk dat de moeder veel van haar zoons houdt, al kan ze weinig voor hen betekenen en ook de oom is een lieve man die zijn best doet. Grootmoeder is hard en streng, maar de omstandigheden dwingen haar hiertoe, ze wil uiteindelijk wel het beste voor iedereen, al heeft ze geen idee hoe ze sommige dingen voor elkaar moet krijgen.  
Albert Camus 1913-1960
Meneer Bernard
Maar gelukkig is er de onderwijzer, meneer Bernard, die een grote rol zal spelen om Jacques een toekomst te geven, net zoals Albert Camus ook dankzij zijn vroegere onderwijzer is gekomen waar hij kwam, als filosoof, schrijver en winnaar van de Nobelprijs voor de literatuur in 1957.

De twee brieven die achterin zijn opgenomen, een van Albert Camus aan zijn eigen oude onderwijzer en het antwoord hierop, maakten me ontzettend blij, soms kun je als leraar blijkbaar een beslissende rol spelen in het leven van je leerlingen; een prachtig idee.

Meneer Bernard heeft zijn eigen methodes en weet de leerlingen te stimuleren en hun leergierigheid te prikkelen, terwijl hij tegelijkertijd de straatschoffies er goed onder weet te houden. Het is aan zijn interventie te danken dat Jacques door mag leren, hoewel grootmoeder er eerst absoluut op tegen was omdat Jacques in die jaren op het lyceum niet zou kunnen verdienen, iets dat hard nodig was.

Ontroerend wordt duidelijk hoe de jonge Jacques worstelt met het nieuwe leven dat hij leert kennen, de twee werelden van thuis en school die van elkaar gescheiden zijn en nooit bij elkaar zullen komen. Met elke les op school verwijdert hij zich verder van zijn familie. De schaamte die hij voelt voor zijn familie en tegelijkertijd het schuldgevoel over die schaamte worden heel duidelijk voelbaar, als lezer krijg je er zelf bijna pijn in je maag van.

Wat Jacques van het lyceum meebracht was niet in te passen in dat huis zonder kranten, zonder boeken- totdat Jacques ze er bracht- en ook zonder radio, waar alle dingen voor direct gebruik dienden, waar alleen familie op bezoek kwam en dat maar zelden werd verlaten en dan altijd om leden van diezelfde onwetende familie op te zoeken, en zo groeide tussen hem en zijn familie de stilte.

Het is het verhaal van een jongen die eigenlijk zichzelf moet opvoeden en zichzelf moet uitvinden. Hij is de eerste man, want niemand is hem voorgegaan op de weg die hij nu gaat.

Dit was mijn eerste kennismaking met Albert Camus, maar ik had hierbij wel een schot in de roos: De eerste man is één van de mooiste boeken die ik gelezen heb.  

Oorspronkelijke Franse titel: Le premier homme
Uitgegeven in 1994
Nederlandse uitgave 1995 (herzien in 2004) door uitgeverij De bezige bij
Nederlandse vertaling Jan Pieter van der Sterre
Bladzijdes: 319

vrijdag 24 juni 2016

1 plant op 3 manieren: UJB juni 2016

Deze maand doe ik weer mee aan de Urban Jungle Bloggers. Het thema van deze maand was 1 plant op 3 manieren. De eerste keer dat ik de mail las, had ik het idee dat ik hier nooit een goede invulling aan zou kunnen geven, maar grappig genoeg komen op een gegeven moment de ideeën toch binnen.

De plant die ik als uitgangspunt heb genomen is het Kindje-op-moeders-schoot, één van mijn favoriete planten. In het dagelijks leven staat die te pronken op de salontafel.

Artistieke jungle
Planten en kunst zijn altijd een goede combinatie.



Minimalisme
Soms is alles wat je nodig hebt, slechts één plant.


Leestafel 
Deze salontafel ligt vol, stapels boeken en de planten desnoods bovenop de boeken.

Urban Jungle bloggers (hier) is een initiatief van Judith (hier) en Igor (hier), die hun liefde voor huisplanten op allerlei manieren laten blijken.

maandag 20 juni 2016

De boom in het land van de Toraja, Philippe Claudel

Philippe Claudel heeft het weer opnieuw voor elkaar gekregen; hij heeft een boek geschreven dat ik zo mooi vond dat ik er bijna meteen weer opnieuw in was begonnen nadat ik het uit had. Om zijn zinnen in me door te laten dringen, en na te denken over leven en dood.

De hoofdpersoon in dit verhaal is een filmmaker. Hij komt terug uit Indonesië, uit het land van de Toraja, waar de mensen heel veel aandacht besteden aan hun doden.

Het hele leven draait daar om het eren van de doden. De allerkleinsten worden begraven in een boom, waardoor de boom een levende herinnering is aan de levens die er maar zo kort waren.

Als de filmmaker (zijn naam leren we niet kennen) terugkomt in zijn appartement, krijgt hij te horen dat zijn goede vriend Eugène kanker heeft. Een ziekte die hem uiteindelijk zijn leven zal kosten.

Eugène was de producent, die man die zijn ideeën aanhoorde, hem dan een boek gaf dat er bij aansloot (moet je lezen, net iets voor jou) en vervolgens ervoor zorgde dat de film gemaakt kon worden.

Nu moet de filmmaker zich zien te redden zonder zijn grote vriend. Zijn oplossing is om een film te maken en tijdens dat proces komen de herinneringen aan Eugène, aan vroeger en aan zijn eerste schreden op het filmpad, weer naar boven. 

De verhouding die hij heeft met zijn ex-vrouw Florence verandert als hij een nieuwe vrouw ontmoet en terwijl hij nog bezig is uit te zoeken waar hij staat, gaat het leven gewoon verder, zoals het leven nu eenmaal doet.

Hij is eraan gewend om alles in filmbeelden te vatten, maar nu hij schrijft, moet hij zich bedienen van een andere taal.

De teksten die ik hier noteer zijn natuurlijk niet letterlijk de zinnen die Eugène uitsprak. Toch is het ook niet mijn intentie om hem dingen in de mond te leggen.

Ik probeer trouw te zijn, maar de herinnering en de taal werken mijns ondanks als een nieuw kader voor een nieuwe werkelijkheid die weliswaar heeft bestaan, maar die deel uitmaakt van een verleden dat steeds verder weg raakt. 

Ik merk dat schrijven een uitvaart is waarbij evenveel wordt begraven als geopenbaard. Bij films is dat anders, maar die zijn dan ook niet uit dezelfde grondstof gemaakt.

Schrijven over dood en over rouw en het verwerken van verdriet is vaak gedaan en het is moeilijk om de balans hier te bewaren. 

De schrijfstijl van Philippe Claudel leent zich voor een melancholiek onderwerp; hij weet de overpeinzingen in poëzie te vangen en vermijdt daardoor dat hij in zwaarmoedige of melodramatische clichés vervalt.

Wat volgt is een ode aan het leven dat doorgaat, aan de vrienden die we kenden en het verleden dat we koesteren.
Een verhaal dat ons eraan herinnert dat we een levende herinnering vormen, net zoals de boom van de Toraja’s.

Originele Franse titel: L’arbre du pays Toraja
Uitgegeven in 2016
Nederlandse uitgave 2016 door uitgeverij De Bezige bij
Nederlandse vertaling: Manik Sarkar
Bladzijdes: 207

vrijdag 17 juni 2016

Franse modernisten in het Singer museum

La Seine sur du Quai des Grande Augustins,
Albert Marquet, 1906
De Franse textielfabrikant Pierre Lévy en zijn vrouw Denise waren grote liefhebbers van kunst. Ze waren bevriend met onder andere André Derain en Maurice Marinot.

Ze begonnen met het verzamelen van moderne kunst en brachten zo een prachtige collectie bij elkaar van voornamelijk Franse schilders. Ze kochten schilderijen van schilders uit de 19e eeuw, tot na de Tweede Wereldoorlog.

Pierre en Denise Lévy hielden vooral van figuratieve kunst, hoewel ze ook een paar abstracte werken aanschaften.

Ze keken naar wat ze zelf mooi vonden en hun belangstelling ging voornamelijk uit naar huiselijke tafereeltjes en scènes uit het moderne leven.

Op die manier creëerden ze een collectie die heel divers is, en een schitterende dwarsdoorsnede laat zien van de moderne Franse schilderkunst.
L'embouchure de la Laita, Henri Hayden, 1908
Uit de nieuwe stromingen van de 19e eeuw komen Gustave Courbet, Paul Gaugain en Georges Seurat. 

Het fauvisme dat opkwam zo na 1900 is ruim vertegenwoordigd onder andere met Henri Matisse, André Derain, Kees van Dongen en Maurice de Vlaminck.
Hyde Park, André Derain, 1906
Maar ook werken uit de periodes van het interbellum en na de Tweede Wereldoorlog van onder andere Pablo Picasso, Chaim Soutine, Amadeo Modigliano, Corneille, Juan Gris, Maurice Marinot en Nicolas de Stäel zijn te zien in deze verzameling.
Les cocquelicots, Pierre Bonnard 1912
Aan het einde van hun leven besloten Pierre en Denise Lévy hun collectie aan de Franse staat te schenken en er kwam in 1982 een nieuw museum in Troyes om de kunstwerken te herbergen.

Nu is een groot deel van deze prachtige collectie van het musée d’Art moderne de Troyes in het Singer museum in Laren te zien.
Jeanne Hébuterne,
Amadeo Modigliano 1918
En wat is het een prachtige tentoonstelling geworden, het heeft mijn verwachtingen ver overtroffen.
De indeling is vrij chronologisch, zodat je een goed overzicht krijgt van de ontwikkeling van de kunst. De kleuren van de schilderijen zijn prachtig en komen heel mooi uit tegen de gekleurde wanden waar ze tegen hangen.
Christ aux outrages, Georges Roualt 1930
Er waren heel veel schilderijen bij waar ik alleen maar heel stil naar kon kijken, omdat ze me ontroerden en me raakten.

De collectie is heel divers en bevat ontzettend veel verschillende kunstenaars en kunststromingen en eigenlijk waren ze allemaal mooi (alleen de schilderijen van Chaim Soutine kunnen me niet bekoren, vrees ik).

Het leuke vooral was dat hier voornamelijk onbekende schilderijen hangen, omdat ze deel uitmaakten van een privé collectie en daarna in het museum in Troyes hingen. De meeste werken kende ik niet, en zeker niet alle schilders waren mij bekend, maar ik kan nu wel zeggen dat ik een groot fan ben van de Franse schilderkunst!
Composition Abstracte, Niclolas de Staël 1948
Leuk is dat een deel van de collectie van het Singer museum nu in Troyes hangt, maar er is nog een tentoonstelling gemaakt Zomer in Singer met werken uit de Singer-collectie die in Laren zijn gebleven en die is ook de moeite waard.

De Franse modernisten zijn nog tot 28 augustus 2016 te zien in het Singer museum in Laren en ik kan eigenlijk alleen maar iedereen aanraden hier naar toe te gaan, het is een magnifieke tentoonstelling die je eigenlijk niet mag missen.

maandag 13 juni 2016

Villa America, Liza Klaussmann

Soms heb je een boek waar je in moet komen, waar je pas na een flink aantal bladzijdes echt gegrepen wordt door het verhaal. En soms heb je een boek waarin je vanaf de eerste bladzijde meegenomen wordt en waarbij het verhaal je bijna niet meer loslaat.

Villa America is zo’n boek, vanaf de eerste bladzijdes zit je in het verhaal van het trieste jongetje Gerald Murphy, die opgroeit in een bijzonder liefdeloos en kil gezin. 

Als hij opgroeit komt hij Sara tegen en bij haar heeft hij eindelijk het gevoel dat hij zichzelf kan zijn en gelukkig is dat gevoel wederzijds. Ze trouwen, en al snel verruilen ze hun leven in New York voor een leven in Frankrijk, zoals zoveel Amerikanen na de Eerste Wereldoorlog. Hier was het leven goedkoper dan in Amerika en bovendien was er meer mogelijk.

Sara en Gerald Murphy blijven niet in Parijs, maar kopen een villa aan de Zuid Franse Rivièra, waar in die tijd niemand in de zomer verbleef (het was echt een plek om de winter door te brengen). Hier ontvangen ze hun literaire en kunstzinnige vrienden en worden er vele feestjes gegeven.

Toch ontstaan er langzamerhand scheurtjes in het hechte huwelijk en na enkele jaren is de vriendengroep uit elkaar gedreven. De mooie zomers in Villa America zijn definitief voorbij.

Sara en Gerald Murphy hebben echt bestaan. Sara was een uitstekende gastvrouw en Gerald een niet-onverdienstelijk kubistisch schilder en enkele jaren waren zij de spil van de Lost Generation. Iedereen kwam bij hen over de vloer, Scott en Zelda Fitzgerald, Pablo Picasso, Hadley en Ernest Hemingway en vele anderen.

Hun feesten waren beroemd, hun gastvrijheid en vriendelijkheid legendarisch. Er wordt wel gezegd dat zij de Franse Rivièra hebben gemaakt tot de plaats waar alle beroemdheden willen komen om gezien te worden.

Een historische roman schrijven gebaseerd op echte personen kan vreselijk mis gaan als de auteur de plank mis slaat met de toon van het boek of de stemmen van de personages. Dat is hier gelukkig niet het geval, hier worden de leemtes in onze kennis opgevuld met de verbeelding van een schrijfster en vormen daarmee een prachtige aanvulling waar geen valse noot tussenzit.

In Villa America komen de mensen tot leven en jij als lezer bent erbij. Je drinkt cocktails met Zelda, praat met Hemingway en loopt met Sara langs het strand in de lome nazomermiddag. 
Gerald en Sara Murphy
Liza Klaussmann heeft een roman geschreven waarin de mensen tot leven komen. Ieder van hen krijgt zijn of haar eigen stem mee, en dit heeft ze bijzonder knap gedaan. Een groot deel van de roman wordt verteld door Gerald of Sara zelf, maar soms komen ook anderen aan het woord om even een ander perspectief te bieden. Het knappe is dit dat de verhaallijn geen moment onderbreekt of rare breuken vormt, dat vloeit allemaal heel natuurlijk.

Heel mooi vond ik hoe, op het einde als door tragische omstandigheden Sara en Gerald niet meer in Villa America wonen en iedereen zich weer heeft verspreid, het verhaal wordt afgemaakt door de brieven die over en weer worden geschreven.

Eén van de personages in de roman, Owen, is door Liza Klaussmann verzonnen. Ze heeft dit gedaan om het oog van een buitenstaander te geven en om de twijfels die Gerald had over zijn eigen seksualiteit duidelijker te maken. Ook zo’n kunstgreep kan fout uitpakken, maar ik vind het juist heel mooi gedaan. De scènes met Owen zijn bijna mijn favoriet in het boek, ik vond zijn verhaal echt hartbrekend. Voor mij was hij niet minder echt dan de historische figuren in dit boek.

Op de een of andere manier komt ik toch steeds weer terug bij Hemingway, the lost generation in Parijs en alles wat daarom heen hangt. Villa America vond ik dan ook een heerlijke ontdekking waar ik bijzonder van heb genoten. Ik heb het boek zelfs op een gegeven moment weggelegd omdat ik het anders te snel uit zou hebben, en ik was nog niet bereid om afscheid te nemen van de Murphy’s en hun vrienden.

Villa America is een aanrader voor iedereen die geïnteresseerd is in een mooi geschreven historische roman over een interessant tijdperk, the lost generation of ‘the jazz age’ of gewoon een prachtig boek over liefde en de onmogelijkheid van sommige keuzes.

Originele Engelse titel: Villa America
Uitgegeven in 2014
Nederlandse uitgave 2014 door uitgeverij Meulenhoff
Nederlandse vertaling: Maaike Bijnsdorp en Lucie Schaap
Bladzijdes: 469

vrijdag 10 juni 2016

Midnight in Paris (2011)

De hunkering naar een ander tijdperk omdat het leven daar zoveel interessanter en mooier is dan in je eigen tijd, herken ik meteen en ik denk velen met mij. 

De hoofdpersoon in deze film, Gil Pender, is een schrijver die het liefst in het Parijs van de jaren ’20 zou hebben geleefd. Zijn helden zijn Hemingway en Scott Fitzgerald.

Hij is in Parijs met zijn verloofde Inez en haar conservatieve ouders. Gil is meteen verliefd op de stad en zou er het liefst willen wonen, Inez ziet alleen de dure meubelwinkels en de juweliers.

Op een nacht, als hij alleen een wandeling maakt, stopt er een auto voor hem, hij wordt uitgenodigd mee te gaan. Gil komt terecht op een feest waar hij Scott en Zelda Fitzgerald ontmoet en later ook Ernest Hemingway. Hij komt Dalí tegen, ontmoet Getrude Stein die zijn manuscript zal lezen, ontmoet Josephine Baker en Cole Porter en wordt verliefd op de maîtresse van Picasso.

Zijn eigen tijd komt hem steeds minder fijn voor, en het wordt hem ook duidelijk dat Inez en hij niet echt bij elkaar passen. Gil zal een moeilijke keuze moeten maken. 
Gil temidden van zijn nieuwe vrienden in de jaren '20
Voor deze film zou ik stellig hebben gezegd dat een Woody Allen film niet aan mij besteed is, maar na het zien van Midnight in Paris neem ik dat terug. Ik vind deze film betoverend en charmant en absoluut heerlijk. De opnames zijn prachtig, in Parijs is dat ook niet zo moeilijk, maar het zijn zoveel zaken die helemaal kloppen in deze film.

De sfeer van Parijs in de jaren ’20 is perfect getroffen en de mensen komen echt tot leven, ook omdat er een paar geweldige acteurs meedoen.

Geweldig gecast zijn bijvoorbeeld Adrian Brody als Salvardor Dalí en Corey Stoll als Hemingway, maar andere bekende namen die meespelen zijn Kathy Bates, Michael Sheen, Marion Cottillard en Carla Bruni
Ernest Hemingway (Corey Stoll)
Ik heb normaliter niets met Owen Wilson, maar in deze film vond ik hem perfect als de wat romantische schrijver die hunkert naar een ander leven in een andere tijd en oprecht blij is als hij zijn grote voorbeelden ontmoet. 
Salvador Dalí (Adrian Brody)
De combinatie van luchthartige romantiek met wat humor en een liefde voor het verleden (terwijl tegelijkertijd iedereen weer verlangt naar een ander verleden), waar Gil een mooie levensles uit kan halen en een happy end, maakt Midnight in Paris een van de fijnste films die ik ooit heb gezien.
Gil Prender (Owen Wilson)

maandag 6 juni 2016

Dora Bruder, Patrick Modiano

Een krantenadvertentie wekt Patrick Modiano´s belangstelling. Het is een krant uit 1941 en de advertentie gaat over een meisje van 15 dat is weggelopen. Er wordt gevraagd om eventuele inlichtingen te brengen naar een adres in het noorden van Parijs, waar haar ouders wonen.

In de jaren die volgen, gaat Patrick Modiano naar Dora Bruder op zoek. Waar is ze geweest, is ze nog teruggekomen en wat is er met haar gebeurd?

Wat volgt is een verslag van de feiten die hij te pakken weet te krijgen. Dora Bruder, een Joodse leerlinge op een katholiek internaat, loopt op een zondagavond weg. De reden waarom zullen we nooit weten, waar ze is geweest komt ook nooit meer boven water.

Feit is wel dat sinds een paar maanden de Duitsers steeds meer maatregelen nemen om de Joden in Parijs op te pakken en Dora en haar ouders hier uiteindelijk het slachtoffer van worden.

Dit is een boek dat niet in een genre te vatten is. Het is een roman, een verslag, een detective en het zijn memoires.

Aan de ene kant is het non-fictie, maar Modiano is zich altijd bewust van het feit dat hij schrijver is en zelfs als hij het over zichzelf heeft, weet je nooit helemaal zeker wat echt is en waar hij van zichzelf een romanpersonage maakt.

Hij noemt feiten, data en plaatsen, daar staan zijn boeken om bekend, maar tegelijkertijd kan hij deze soms naar zijn hand zetten en gebeurtenissen, mensen en plekken naar believen veranderen.

Zoals altijd beseft Patrick Modiano zich dat de tijd verder gaat en dat mensen daarin kunnen verdwijnen. Plaatsen en gebouwen ook trouwens, huizen worden afgebroken, nieuwe wegen worden aangelegd en voor je het weet is er niets meer over van wat er eens was.

Van Dora weten we een aantal zaken, juist omdat ze is opgepakt, en dat maakt deze zoektocht erg triest. We weten dat er van haar nooit een huwelijksadvertentie of een geboorteaankondiging in de kranten van latere jaren komen te staan.

Het echt trieste is dat Dora misschien een kans had gehad om de oorlog te overleven, maar door het weglopen uit het internaat, gaf ze ook de relatieve veiligheid op die het internaat kon bieden. Tijdens de oorlogen hebben veel kloosters en internaten onderdak geboden aan Joodse kinderen, in een poging hen te beschermen.

In Dora´s leven blijft veel onduidelijk. We weten dus niet zeker waar ze is geweest of wat ze heeft gedaan toen ze weggelopen was. Enkele schaarse feiten komen maar naar voren, de rest moet ingevuld worden met speculatie.

Dit klinkt alsof het een heel dun verhaaltje is, maar dat is het zeker niet. Door de manier waarop Patrick Modiano schrijft, door de voorbeelden die hij erbij kan halen van andere mensen die hij tijdens zijn zoektocht tegenkomt, is het juist indringend in alle soberheid en eenvoud. Ik denk persoonlijk ook dat niemand dit zo goed gedaan zou kunnen hebben als deze schrijver.  

Patrick Modiano linkt het leven van Dora Bruder aan zijn eigen leven. Hij doet dit door zijn herinneringen aan de plaatsen die hij kent waar zij ook is geweest, maar ook door de parallellen in hun leven, zoals het feit dat ze beiden zijn weggelopen. 

Hij lijkt daardoor een band te voelen met het meisje, van hem gescheiden door de dood en de vele jaren die er tussen hen liggen. Zij is misschien een symbool voor een tijd, een leven, maar ook een Parijs dat verdwenen is en nooit meer terug zal komen. Net als zoveel andere mensen nooit zijn teruggekomen. 
Boulevard Orano 41 (mei 2016)
De laatste keer dat ik in Parijs was, heb ik het adres opgezocht waar Dora Bruder heeft gewoond, Boulevard Ornano nr 41. Dit huis staat er nog, en het is, samen met de advertentie en dit stilmakende  en ontroerende verslag van haar bestaan, een van de weinige tastbare herinneringen die er aan haar jonge leven zijn.

Originele Franse titel: Dora Bruder
Uitgegeven in 1997
Nederlandse uitgave 1998 door uitgeverij Meulenhoff
Nederlandse vertaling: Maarten Elzinga
Bladzijdes: 134

vrijdag 3 juni 2016

Duitse expressionisten in Zwolle

Erich Heckel, landschap aan zee 1922
Zo rond de Eerste Wereldoorlog was de wereld aan het veranderen en oude zekerheden wankelden. 

Aan de ene kant had men het idee dat de toekomst er alleen maar beter uit zou zien met alle nieuwe uitvindingen, terwijl aan de andere kant de industrialisatie veel mensen een ellendig bestaan had bezorgd.
De filosoof Nietzsche verklaarde dat God dood was en veel mensen zochten naar een nieuwe zingeving en een nieuw mensbeeld.

De schilders in Duitsland zochten een andere weg en gingen zich richten op het innerlijk van de mens. Onder andere de natuur en de ‘primitieve beschavingen’ die nog dichtbij zichzelf stonden vormden hun inspiratie. Felle kleuren werden gebruikt en men probeerde niet de werkelijkheid weer te geven, maar de innerlijke beleving. Zij waren hierin baanbrekend.
 
Erich Heckel, De Vlaamse vlakte 1916

In 1905 werd in Dresden de kunstenaarsgroep Brücke (de brug) opgericht en enkele jaren later in 1911 volgde in Munchen Der blaue Reiter, waar kunstenaars als Kirchner, August Macke, Max Pechstein, Kandinsky en Alexej von Jawlensky elkaar inspireerden. Natuurlijk bleef dit niet tot Duitsland beperkt, in Nederland zag je hun invloed bijvoorbeeld terug bij de kunstenaars van De ploeg.  
Karl Schmidt Rottluff, Het rode huis 1923
In De Fundatie in Zwolle is een tentoonstelling over deze schilders ingericht, die Anna en ik afgelopen zaterdag bezocht hebben. De tentoonstelling Wilden, expressionisme van Brücke en Der Blaue Reiter is behoorlijk groot en heel divers. Leuk is dat ze de werken in verschillende thema’s hebben opgehangen, zodat je een mooi overzicht krijgt van hoe verschillende kunstenaars een bepaald onderwerp oppakten. 
Emil Nolde, Bloementuin met blauw hek 1919
De rake kleuren en de krachtige vormen van veel schilderijen maken veel indruk en hoewel ik niet alles mooi vond, vond ik zelfs de minder ‘mooie’ werken wel interessant. Een soms waren er erg leuke details te vinden (zoals ik merkte met mijn obsessie om overal katten te spotten). 
Heinrich Campendonck, De zesde dag 1914


Kortom, een tentoonstelling die een bezoek zeker waard is, en waar je heel veel moois kunt zien.
Wilden, expressionisme van Brücke en Der Blaue Reiter is nog t/m 18 september 2016 in De Fundatie te zien. 
Op de tentoonstelling. Max Pechstein, Liggend naakt.

Het is een duotentoonstelling met de Nieuwe Wilden in het Groninger museum, over de Duitse neo-expressionisten uit de jaren ’80 en die is t/m 23 oktober 2016 te bekijken. 

woensdag 1 juni 2016

Happy birthday, Marilyn Monroe

Vandaag is het negentig jaar geleden dat Marilyn Monroe werd geboren. De vrouw die tijdens haar carrière vooral werd gezien als dom blondje, maar dat zeker niet was. Ze was wel een vrouw die zich al in de jaren '50 al uitsprak tegen segregatie, die hield van lezen en meer dan 400 boeken bezat en serieus genomen wilde worden als actrice.
Ze was vooral iemand die oprecht vriendelijk en belangstellend was en trouw was aan haar vrienden. Kortom, Marilyn Monroe was een oprecht goed mens.
Bron: Pinterest
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...